En de Sandropov Award 2018 gaat naar …

Eerst nog wat leesvoer en een kleine terugblik op een schitterende week. Jullie waren met 1.061 stemmers. Het was het beste jaar ooit als we die jaargang waarin er oneindig veel kon gestemd worden, buiten beschouwing laten. Met zoveel stemmen mogen we spreken van een representatief beeld. Het is vooral ook meer dan ooit jullie Award geworden, misschien wel de énige échte publieksprijs in Belgisch rallyland. We merkten ook dat heel wat genomineerden best wel wat waarde beginnen te hechten aan deze titel, en ook ontgoochelde niet-genomineerden vroegen om meer tekst en uitleg. Dat geeft aan dat het toch wel leeft en dat ook piloten bezig zijn met deze uit de hand gelopen voxpop.

Opvallend, op 1.061 stemmen waren er maar veertien bij die iets of iemand anders in gedachten hadden, dus we hadden een goede, verantwoorde, gefundeerde selectie. Steve Bécaert mocht er misschien ook wel tussen na een meer dan knappe Sezoens, net zoals Paul Lietaer die dertig jaar na datum opnieuw kampioen werd in de Opel Manta. En ook de vice-titelhouder in het TER heeft recht van spreken als hij vraagt waarom hij niet genomineerd is. Ook grandioos vergeten, Manu Bouts die maar liefst een zes op zes boekte in de rally’s waar hij aan de start stond… Geloof ons: een selectie maken is zeker niet altijd even gemakkelijk.

cropped-dsc_0860.jpgDe minste score was voor Adrien Fourmaux, niet geheel onlogisch gezien het gaat om een Fransman die geen kilometer reed op Belgische bodem. En toch: bij negen mensen liet hij een onuitwisbare indruk na. Xavier Baugnet pakte maar drie stemmen meer en dat is toch wel opmerkelijk na toch een opgemerkte passage in de Condroz. Ook Sébastien Bédoret staat niet in de top tien terwijl hij dit jaar eigenlijk niets of toch weinig verkeerd deed.

Rhys Yates is tiende geworden met 35 stemmen. Vast mensen die naar Wervik gingen en daar een ontketende jongeman naar winst zagen snellen, op een brutale autoritaire manier. Zijn landgenoot James Williams scoorde 45 stemmen. De Brit was trots op zijn nominatie en ging zelfs stemmen ronselen, vandaar dat mooie aantal stemmen. Terecht trouwens, want wat Williams toonde behoorde tot het beste van hetgeen we zagen in R2 dit jaar. We wensen hem dan ook alle geluk de komende jaren en hopen dat hij in 2019 een mooi programma op touw kan zetten. Hopelijk zien we hem binnen enkele jaren ergens met champagne spuiten op hoog niveau en kunnen we zeggen: “hoh zie, we hebben die nog gezien in Ieper en hij stond ooit in de Sandropov eindejaarslijst.” (Maar dat hopen we voor Fourmaux en veel jonge Belgen die straks aan bod komen ook natuurlijk).

Patrick Snijers pakte 51 stemmen. Gezien zijn stevige fanbase is dat misschien niet zoveel. Ook Mats van den Brand pakte “maar” 68 stemmen terwijl hij toch dé attractie was op onze Belgische wegen, of niet? Hij moet wel amper onderdoen voor Thierry Neuville die 76 stemmen pakte. Het is altijd fijn om te zien dat jullie niet altijd gaan voor de meest voor de hand liggende keuze, want eerlijk, puur op prestaties moest Neuville al zeven keer deze Award hebben gewonnen.

Met Thomas Vauterin komen we de top vijf binnen. We hopen echt dat de Kortrijkzaan volgend jaar wat steun kan genieten en echt eens kan tonen wat hij allemaal in zijn mars heeft.

DSC_0677Dé man van het voorbije weekend valt net van het podium. Grégoire Munster won vorig weekend op een heel knappe, mature manier de Rallye Hivernal du Dévoluy. Munster krijgt zeker een herkansing want voor die prestatie wordt hij zeker opgepikt voor de Sandropov Award 2019. Zonder twijfel. We zijn toch benieuwd naar zijn plannen na vorig weekend, want als je dat kan in de tweede rally met een R5, in zo’n moeilijke omstandigheden, dan kan je veel. R2 in een stevige competitie en véél kilometers maken lijkt ons nog altijd het beste plan, eventueel in enkele WRC-manches. En tussendoor wat ervaring opbouwen met de R5, in de luwte, weg van alle schijnwerpers, al zal dat steeds moeilijker lukken want de 19-jarige Belg is hot, niet enkel in België maar ook in Duitsland en sinds vorig weekend ook in Frankrijk. Dat werd vorig weekend al bewezen want velen zaten zondagmiddag met de loep te kijken naar zijn prestatie.

In de top drie drie mannen die nadrukkelijk hun supporters hebben aangesproken om te stemmen. Zo verrast Jonas Langenakens met een derde plaats met 157 stemmen. Dit moet hem toch een boost geven, om te zien hoeveel mensen achter hem staan. Hopelijk verraden we niets, maar Jonas vertrouwde ons afgelopen seizoen toe dat hij eens aan het kijken was om te starten met een R5. Dat is er in 2018 niet van gekomen, maar 2019 is een ander jaar. Laat deze prestatie een duwtje in de rug zijn zodat we hem nog eens zien strijden met gelijke wapens. Langenakens verdient het om zich nog eens te meten met de Belgische toppers!

De tweede in de stand pakte 171 stemmen en dat is toch opvallend zeker omdat het om een Waal gaat en Sandropov toch niet echt gericht is op de Waalse markt. Het geeft aan dat ook heel Vlamingen zich bewust zijn van wat Adrian Fernémont het afgelopen jaar liet zien op de Belgische wegen. Toch wel straf hoe hij in zijn eerste vol jaar tussen de grote jongens meteen kon wedijveren voor de overwinning in zowat elke manche waar hij de start nam, en zelfs even meedeed voor de titel. Gezien Sandropov toch voornamelijk (West-)Vlaamse lezers aantrekt mag Fernémont zich misschien wel de morele winnaar noemen van deze Award.

DSC_4393Bij deze is ook de winnaar gekend en dat is voor het tweede jaar op rij Gilles Pyck, een primeur. Ook dat geeft aan dat de jonge telg op korte tijd al een hele schare fans achter zich heeft staan en dat is niet meer dan normaal gezien zijn prestaties. Wat de toekomst voor hem brengt is onduidelijk. In België zal hij wellicht enkele speelkameraden verliezen in R2 en dus heeft het geen zin zijn leerschool hier verder te zetten. We hopen dat de Poperingenaar genoeg budget vindt om enkele stappen richting het buitenland te zetten en zo ervaring op te doen. Dat zal nodig zijn wil hij zich verder ontwikkelen. Samen met Munster is hij de vaandeldrager van de Belgische jeugd.

Proficiat Gilles, je bent weerom een terechte, mooie winnaar. Helaas kunnen we geen geldprijs koppelen aan deze Award, maar onze morele steun de komende jaren heb je!

En voor de rest… Een schitterend einde van 2018 en tot in 2019. Een goed voornemen is alvast om eens wat meer van ons te laten horen!

Advertenties

Dé prestaties van 2018

Eindejaar is lijstjestijd en dus mag ondanks een stilte van een half jaar ook de Sandropov Award niet ontbreken. Zeker niet in een jaar waarin we van januari tot midden november talloze weekends onze nagels hebben afgebeten en dagenlang, en zelfs nachtenlang, op onze stoel hebben zitten schuifelen. Wereldkampioen is Thierry Neuville alweer niet geworden, maar we hebben wel genoten van een waanzinnig seizoen dat qua spanning enkel werd bijgebeend door de discussie over het migratiepact. In België viel er ook meer dan eens iets te beleven. Kris Princen en Vincent Verschueren vochten een titanenduel uit, dat enkele keren doorkruist werd door Adrian Fernémont.

Op Europees niveau viel er veel minder nieuws te rapen en zonder de Ypres Rally in het ERC worden we er ook niet meer echt warm van. In TER hebben we wel een Belgische vice-kampioen met Joachim Wagemans. Bijna een volledig Belgisch podium want Sébastien Bédoret besloot op drie. Het zegt veel over dat kampioenschap.

We grasduinen nog even door het jaar en zetten de belangrijkste prestaties van de Belgen (in binnen- en buitenland) en van buitenlanders in België op een rij. Aan jullie om dan uit te maken wie of wat de strafste was.

Jonas Langenakens in Haspengouw

DSC_4372Zeven jaar na zijn eerste nominatie maakt Jonas Langenakens opnieuw deel uit van onze eindejaarslijst. Mijn leeftijdsgenoot reed een beperkt, maar wel een opvallend programma. In Jean-Louis Dumont moest hij de wagen op kant zetten maar zijn andere prestaties werden wel opgemerkt. Achtste in een sterk bezette Wallonie, tiende in die schitterende rally van Luxemburg en  winst bij zijn debuut in de Hemicuda Rally in Koekelare, en dus zijn eerste algemene overwinning in West-Vlaanderen. We nomineren Langenakens echter voor zijn prestaties in Haspengouw, net zoals in 2011. Daar werd hij knap zesde, vóór onder meer de R5’s van Sébastien Bédoret en Robin Maes.

Het was al te lang geleden dat Langenakens nog eens genomineerd werd. Bij deze is dat terug helemaal goedgemaakt.

Adrian Fernémont in Spa

DSC_2284Duizend maal dank aan Adrian Fernémont om dit seizoen te kruiden en te kleuren. Wie dacht dat Kris Princen en Vincent Verschueren de zeges onder elkaar zouden verdelen kwam al snel bedrogen uit want Fernémont legde Princen in Spa netjes over de knie. Het werd één van de meest bloedstollende rally’s van het seizoen. Drie weken later bevestigde Fernémont door in de Wallonie opnieuw te strijden voor winst. Even dachten we dat we naar een driestrijd om de titel zouden gaan maar een olielek in Bocholt maakte daar een eind aan.

Het najaar oogde indrukwekkend en was het niet van Stéphane Lefebvre geweest dan won Fernémont twee rally’s dit jaar. Hoe hij daar tempo hield met de Franse fabriekspiloot was indrukwekkend, misschien nog meer impressionant dan in Spa.

Eindelijk drijft iemand van die verloren gewaande Waalse generatie boven. We hopen echt dat Fernémont volgend jaar minstens evenveel rally’s rijdt. Indien dat het geval is hebben we er niet enkel één van de leukste attracties van 2018 bij, maar vooral een topfavoriet voor de titel. Zeg dat Sandropov het gezegd heeft.

Patrick Snijers in Bocholt

DSC_1234We zouden ons al flink moeten vergissen, maar volgens ons is Patrick Snijers nog nooit genomineerd geweest voor de Sandropov Award. Dat komt omdat we liever kijken naar jong geweld, maar in de Sezoensrally ging De Lange echt tekeer als een jonge spring-in-’t-veld. Bijzonder straf!

Snijers reed eindelijk nog eens een volledig seizoen, en daar hebben we allemaal van genoten, en in het bijzonder in Bocholt. Snijers liet het publiek niet enkel genieten van een genereuze, brutale stijl, maar hij liet ook ontzettend sterke tijden noteren, en dat met een achterwiel aangedreven wagen  op die gladde kiezels. Hij kwam zelfs heel even in aanmerking voor het podium, tot hij op het einde nog werd teruggeslagen. Uiteindelijk eindigde hij nog vijfde.

Volgend jaar zullen we zeker opnieuw kunnen genieten van Snijers al blijft de vraag, met welke wagen? De Porsche is de Limburger op het lijf geschreven. Snijers hoeft niet meer te gaan wedijveren met een R5, daarvoor heeft hij in zijn lange carrière al te veel bewezen. Bij deze kennen jullie onze voorkeur (en dat van iemand niet altijd even warm loopt van GT’s).

Thierry Neuville in Sardinië

DSC_4078Ja, Neuville staat bijna ieder jaar in onze lijst, ook al speelt enkele klassen hoger dan de rest in deze lijst. Maar die Power Stage in Sardinië was ongetwijfeld het rallymoment van het jaar in het WRC. Het deed terugdenken aan die heroïsche Golden Stage in Cyprus. Ook toen maakte hij bijna een buiteling richting de overwinning en werd de limiet meer dan eens opgezocht en flink overschreden.

Vorig jaar werd Neuville genomineerd omdat hij Elfyn Evans in Argentinië in extremis nog voorbij ging en won met zeven tienden van een seconden. Dat was ook het verschil in Sardinië, maar dan wel op Sébastien Ogier, wat het des te legendarischer maakte. Aan het einde van de rit heeft het niets uitgehaald. De Fransman pakte zijn zoveelste titel, de Belg zijn zoveelste vice-titel, maar genoten hebben we wel.

Rhys Yates in Wervik

DSC_2520Alleen aandachtige volgers hadden al gehoord van Rhys Yates vóór Wervik. De Brit reed een vrij sobere Ypres Rally in 2017 maar kwam met een andere ingesteldheid naar editie 2018 en besliste om zich optimaal voor te bereiden in Wervik.

Yates stond bijlange niet op het kransje favorieten voor deze voorbereidingswedstrijd, maar al snel bleek de piepjonge Brit een gesel voor de lokale piloten en de andere teams die zich kwamen voorbereiden in de Tabaksstad.

Met ongelooflijk veel lef en durf snelde hij naar winst, maar misschien ging het net iets te vlot want Wervik is Ypres niet, zo bleek. Yates veroverde wel veel rallyharten door een agressieve stijl. Zo willen de mensen een Skoda Fabia R5 zien rondrijden.

Vorig jaar nomineerden we Jim van den Heuvel, vooral voor die schitterende afdaling op KP Wervik, aan “de linde”. Yates deed er nog een half schepje bovenop, als een volleerde mountainbiker in de afdaling.

Gilles Pyck in Ieper

DSC_4393Ja, er is met onder meer Niels Reynvoet en Gilles Snaet (lid van onze long list), veel meer dan Gilles Pyck, maar de winnaar van de Sandropov Award bevestigde dit jaar al het goede en is op zijn eentje de belichaming van een sterke West-Vlaamse lichting.

Pyck pakte dit jaar drie BRC-manches en won in Kortrijk ook nog een klein prestigeduel. Toch nomineren we hem niet voor zijn prestaties waar hij de overwinning pakte, maar voor een prestatie waar hij een overwinning had moeten pakken, in Ieper. De jonge West-Vlaming kende tot aan Ieper nog niet veel geluk al had hij op dat moment wel al een Juniorzege op zak, in Tielt.

In Ieper leek het tij te gaan keren al begon de rally niet bijster goed met heel wat tijdsverlies in het begin, maar Pyck knokte op een weergaloze manier terug en rolde bijna het ganse peloton op. Met nog de slotlus te gaan was hij beste Junior en stond hij op anderhalve minuut van de leider in RC4. Dat was zowat de tijd die hij verloor in het begin van de wedstrijd. Maar op Vleteren2 stokte de remonte door mechanische problemen. Pyck zijn geluk zou pas keren in de Omloop waar hij opnieuw aanknoopte met een zege. Later pakte hij ook nog de winst in de Condroz.

Voor ons heeft Pyck zich in R2 genoeg bewezen in België en is het tijd voor de volgende stap, al is dat budgettair gezien niet altijd even gemakkelijk en kan hij niet rekenen op hetzelfde kapitaal en dezelfde entourage als die andere talentvolle generatiegenoot aan de andere kant van het land. En oja: als de RACB op zoek gaat naar een opvolger voor Guillaume de Mévius, hoeven ze voor mijn part geen “contest” meer te organiseren. Voor ons is Pyck de kortste weg naar nieuw nationaal succes in het buitenland, mits wat geduld en een flink programma.

James Williams in Ieper

DSC_4719De enige die Pyck kon voorblijven in Ieper was James Williams. Wat de jonge Brit toonde in Ieper getuigde van veel talent.

Williams reed in 2017 ook  al in Ieper, toen nog in de Ford Fiesta met ene Dai Roberts naast zich. Die ene deelname zorgde voor genoeg basis om dit jaar te schitteren en niet enkel zijn Britse concurrenten een stevige hak te zetten maar ook veel Belgische jongeren te kijk te zetten. Vooral de manier waarop was indrukwekkend. Wie de moeite nam om minstens één keer langer te blijven staan zal weten waarover we spreken.

Er schuilt veel talent in die jongen, maar hij heeft één groot nadeel en dat is hij dit jaar veel te weinig reed om zich ook in de UK te laten opmerken.

Sébastien Bédoret in de Omloop

DSC_1901Adieu Achiel Boxoen, bienvenue Sébastien Bédoret. Zo kunnen we het debacle bij Skoda kort voor de Haspengouw het best samenvatten. Na een teleurstellend jaar van Achiel Boxoen besliste Skoda, niet geheel onterecht, om de samenwerking te verbreken en scheep te gaan met een jongeman die wél de juiste leerschool volgde en wél al iets had bewezen op Belgische bodem.

Een uitstekende keuze bleek al snel, want Bédoret zette de Skoda in Tielt meteen op het podium! Het was het begin van een heel correct jaar dat moet zorgen voor voldoende fond om volgend jaar echt te gaan schitteren en mee te doen om de knikkers.

We nomineren Sébastien voor zijn eerste scratch in het BRC. Die kwam er in het slot van de Omloop van Vlaanderen. Hij reed in en rond Roeselare een schitterende wedstrijd en klokte bijna constant tijden in de top drie. Daar rechte de jongeman voor het eerst de rug en toonde hij voor het eerst dat hij niemand moet vrezen.

Adrien Fourmaux in Béthune

DSC_0860Eigenlijk mag deze er niet bij. Adrien Fourmaux is geen Belg en Béthune ligt niet in België, al vinden we dat we met deze belfortstad in Frans-Vlaanderen het valsspelen tot een minimum minimorum beperken. Feit is: Fourmaux heeft ons dé passages van het jaar bezorgd. En omdat we aan onze kleine teen aanvoelen dat het potentieel en talent dat in deze kerel huist, hem wel eens heel ver zou kunnen brengen, nemen we hem toch op in de lijst.

Velen gaan hun wenkbrauwen fronsen. Fourmaux wie? Eerder toevallig werd hij opgevist door het nationale team om de Fiesta Cup te betwisten in Frankrijk. Hij debuteerde vorig jaar in Le Touquet en liet zich met enkele sterke tijden en een meer dan degelijke 28ste plaats meteen opmerken. Na een meer dan goed debuutseizoen mochten de ambities worden bijgesteld. Fourmaux boekte maar liefst een vijf op vijf in de Fiesta Cup en liet zich in zijn eerste Var opmerken bij zijn R5-debuut door in zijn Fiesta meteen tijden in de top drie te draaien (alvorens in het decor te belanden). Dit is Frankrijk’s “Next Big Thing”, daar zijn we nu al van overtuigd.

Mats van den Brand in EBR

DSC_2125Ook Mats van den Brand werd al eens genomineerd, en nog niet eens zo lang geleden, maar het lijkt al een eeuwigheid. Ooit nomineerden we hem voor zijn passage in Bocholt met de Fiesta R2. We dachten dat we hét nieuwe talent van Nederland gevonden hadden en dat we de opvolger van Kevin Abbring en Hans Weijs kenden. Van den Brand reed zich later onder meer in de kijker in de DMack Cup, maar daarna, na 2015, werd het vrij stil en richtte hij zich op het bouwen van BMW M3’s.

Dit jaar reed hij de M-Cup in België. We genoten, weliswaar met een ietwat raar gevoel, want er zat/zit zoveel meer in deze jonge Nederlander. Anderzijds waren we wel heel tevreden over zijn engagement want van den Brand was zonder enige twijfel dé attractie op de Belgische rallywegen in 2018. De enige op wie je dit jaar echt wachtte. Wat een stijl, wat een snelheid. Zelden zagen we iemand op zo’n manier met een M3 rijden. Forceful Driving. Dat is het minste dat je kon zeggen. Nog altijd maar 27… Misschien, heel misschien, als de zaken goed draaien, moet deze jonge snaak alsnog eens een poging wagen om een stapje hoger te wagen. Het zou absolute zonde zijn mochten we hem tot het einde der dagen moeten zien rondrijden in die BMW M3. Maar liever dat, of niets.

Grégoire Munster in Vaucluse

DSC_0677Een pintje voor diegene die een piloot vind die dit jaar meer reed dan Grégoire Munster. 26 rally’s… En belangrijker: er werd geoogst. Vier overwinningen en de titel bij de Belgische Junioren, drie overwinningen en een vice-titel in de Duitse Adam Cup en een hele reeks dichte ereplaatsen, zoals die dertiende stek in de Vaucluse in de Peugeot 208 R2. Dat was toch eentje om in te kaderen, zeker omdat het slechts zijn tweede rally op (Frans) onverhard was.

Ook Munster moet nu een stap zetten, en dat gaat moeite en geld kosten, maar het is broodnodig, zeker omdat er al zoveel is in geïnvesteerd in de jonge snaak met een stevige kop op de schouders. Duitsland en België heeft hij gehad, Frankrijk is een optie, maar Europa en de wereld lonken nu al. Hij heeft nog een stevige weg af te leggen en hij moet nog stevige stappen voorwaarts zetten (denk maar aan Ieper dit jaar) maar met de ervaring die hij nu al heeft en de uitstekende entourage is hij misschien onze enige hoop in bange dagen, want de kweekvijver der junioren en jonge talenten oogt maar droogjes.

Xavier Baugnet in Condroz

47682366_620379885062504_5245624170569531392_nOok Xavier Baugnet is niet aan zijn proefstuk toe bij ons, maar ook deze keer heeft hij zijn nominatie dubbel en dik verdiend. Eén noemenswaardige rally reed Baugnet dit jaar (tenzij je er per se de Escort Rally bij wil tellen). Met de steun van gulle weldoener André Leyh verscheen hij aan de start van de Condroz met een nagelnieuwe Citroën C3 R5.

Welgeteld één lusje had hij nodig om de wagen onder de knie te krijgen alvorens hij zich kwam moeien met tijden in de top vijf. Op zondag ging hij zelfs aan de haal met twee besttijden op een moment dat er vooraan nog flink gekoerst werd, en ook in het peloton waar hij in zat werd er flink getrapt op het gas. Baugnet leek die fantastisch strijd te gaan winnen tot hij lek reed en “pas” achtste werd, op één luttel secondje van Kevin Demaerschalk met eenzelfde wapen (maar met een pak meer ervaring). (Baugnet wipte Demaerschalk uit onze shortlist).

Die jongen verdient toch ook een pak meer dan een luttele one-shot. Mocht hij dezelfde kansen krijgen als Fernémont dit jaar, dan zouden we nog wat zien van deze gast die net als Fernémont deel uitmaakt van een gouden, maar wat vergeten en vooral verloren gewaande generatie.

Thomas Vauterin in Kortrijk

46960643_10213977408641813_175224800136921088_nAfsluiten doen we met nog een oudgediende in deze eindejaarslijst. Niet toevallig veel gekende namen in onze lijst. Het gaat om mannen die er bovenuit steken en op gelijk welk moment met gelijk welke wagen scoren. Dat is bij deze ook zo.

Ook Thomas Vauterin had amper rally’s in de benen vooraleer hij naar Kortrijk kwam. Vorig jaar werd hij nog schitterend tweede in de zes uren, én mocht hij opnieuw aan de start gestaan hebben met een goede R5 dan was hij opnieuw podiumrijp. Vauterin haalde echter de BMW M3 nog eens van stal en reed zich in ware Mats van den Brandstijl naar de overwinning. Didier Vanwijnsberghe moest lijdzaam toe zien hoe de Kortrijkzaan hem op zondag voorbij snelde en ervan wegreed.

Vauterin verbaasde ook op circuit in de Norma. Zoals ik zei: op gelijk welk moment met gelijk welke wagen scoort hij. Zo herken je rastalent. Hoog tijd dat ook bij hem eens een geldschieter langs gaat. Wie een winnaar wil die de kleuren van een sponsor goed verdedigt, kan met Vauterin nooit of te nimmer bedrogen uitkomen. Uit het goede hout gesneden, zo lopen er niet veel meer rond.

Voila, en nu is het aan jullie.

 

Ypres Countdown 2018: #1 Een topfavoriet

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 1 brengen we u: een topfavoriet, met Kevin Abbring, Bryan Bouffier en Thierry Neuville.

Zonder problemen wordt dit het podium, en zelfs in die volgorde, maar Ieper blijft Ieper en een foutje is snel gemaakt. Vraag het maar aan onze WK-leider.

Laten we even beginnen met Kevin Abbring. De Nederlander heeft alles in huis om straks zichzelf op te volgen. Hij verbaasde vorig jaar vriend en vijand door met de Peugeot 208 R5 de rally te winnen. Wat er onder de motorkap – of tussen de oren van de Nederlander – stak is nog steeds onduidelijk, want het blijft verwonderlijk dat Abbring twee maanden later op soortgelijk parcours het tempo van Vincent Verschueren in de Omloop van Vlaanderen niet kon volgen. Maar de Nederlander klaarde de klus en maakte in één klap zijn seizoen en dat van Peugeot goed.

DSC_5248

Dit jaar richtte hij zich met zijn co-rijder en recordkampioen Pieter Tsjoen op enkele manches in WRC2, maar veel succes leverde hem dat nog niet op. Abbring verviel wat in oude gewoontes door foutjes te maken en illustreerde opnieuw waarom hij zijn zitjes binnen een fabrieksteam in het WRC steeds weer verloor. Als Abbring hoopte om zich via enkele WRC2-wedstrijden terug in de gratie van een team rijden dan is dat niet goed gelukt met twee opgaves door zijn schuld in Monte-Carlo en Zweden. Portugal werd dan weer een calvarietocht waar hij aan de lopende band lek reed op een kapotgereden parcours.

Maar Abbring blijft Abbring, en zonder meer één van de snelste rallypiloten van deze aardbol, en met de C3 R5 krijgt hij in principe een betere wagen onder zijn gat dan vorig jaar. Dus Abbring moet zonder meer in staat zijn om opnieuw een gooi te doen naar winst. Het enige waar we een beetje aan twijfelen is de betrouwbaarheid van de C3, waar we ook al naar verwezen toen we Kevin Demaerschalk voorstelden. Eén ding speelt in het voordeel: het belooft niet te warm te worden, wat toch minder belastend is voor man en machine.

DSC_5176Als Abbring wil winnen dan zal hij wel moeten rekening houden met Bryan Bouffier. Het is simpel als we de statistieken van de jongste jaren erop naslaan: wie voor Bouffier eindigt, wint. De Fransman werd in de jongste vijf jaar al drie keer tweede, en mag dus terecht de Poulidor van Ieper genoemd worden. Vorig jaar leek hij er ontzettend dichtbij, tot hij iets te hard over een jump in Kemmel ging. Een jump waar weinig te winnen, maar vooral veel te verliezen valt. Dat is wel gebleken.

Dit jaar komt hij als leider in het Franse kampioenschap naar de Westhoek, en dat wil toch wat zeggen want het kampioenschap bij onze zuiderburen is om duimen en vingers af te likken dit jaar. Bouffier won met een Hyundai i20 R5 de twee laatste manches in Antibes en in de Vogezen, en lijkt dus klaar om opnieuw een poging te wagen om eindelijk eens helemaal boven op het eindschavot te staan. De 39-jarige Bouffier lijkt van Ieper een obsessie te hebben gemaakt, en erg vinden we dat niet wat de Fransman is en blijft een welgekomen attractie.

Maar uiteraard is er eigenlijk maar één topfavoriet en dat is Thierry Neuville. Een WK-leider in de Westhoek, du jamais vu.

Echter, ook vorig jaar dachten we dat er niets zou te doen zijn aan de drievoudige vice-wereldkampioen maar de Oostkantonner miskeek zich op Dikkebus en hertekende zijn Hyundai van : ) en ; p naar : ( en :°(.

DSC_5305En toch blijft de Oostkantonner de enige, echte topfavoriet. Toen Abbring en Bouffier vorig jaar om elke seconde streden wist Neuville op zaterdag de ene na de andere besttijd te rijden (hij reed zeven scratches op zaterdag). Ook hield de Hyundai het voorbeeldig uit.

Bovendien denken we dat Neuville met een iets andere ingesteldheid naar Ieper afzakt. Vorig jaar was Ieper misschien teveel een tussendoortje en een verplicht nummertje, gepropt tussen Sardinië en Polen. Dit jaar is Polen weggevallen en kan Neuville zich dus volledig focussen op de Ypres Rally. We achten het echt onwaarschijnlijk dat Neuville twee jaar op rij in de fout gaat. We gaan er ook van uit dat die Hyundai opnieuw geen krimp geeft. Waarom zouden we ook? Op internationaal niveau is gebleken dat Hyundai een goed, betrouwbaar product heeft afgeleverd.

Dus…

Dat samen zorgt er voor dat we met enige overtuiging de naam van de winnaar al op het palmares durven bijschrijven.

Rest ons nog de zedenpreker uit te hangen en op te roepen om het veilig en proper te houden.

 

Ypres Countdown 2018: #2 Een titelkandidaat

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 2 brengen we u: een titelkandidaat, met Kris Princen en Vincent Verschueren.

DSC_3878Vincent Verschueren zakt naar de Ypres Rally af als de leider in het Belgische kampioenschap. De Oost-Vlaming verdedigt er straks vier schamele puntjes op Kris Princen. Omdat Ieper misschien wel een cruciale rol kan spelen voor het verdere verloop van het BK zal er fel gestreden worden tussen de twee titelkandidaten, en die strijd kan hen wel heel ver brengen. Het niveau dat de twee de jongste twee jaar lieten zien, ligt verdomd hoog. Je moet al van internationale klasse kunnen getuigen om dit duo vooraf te gaan.

Tot voor enkele jaren had Verschueren maar een matige relatie met de Rally van Ieper. De Oost-Vlaming slaagde er bij de moderne wagens maar niet in om aan de finish te komen, maar in 2015 eindigde hij plots op het podium. Ook in 2016 leek hij op weg naar een podiumplaats tot hij bevangen werd door giftige dampen in de wegen en op de slotproef nog terugviel. Vorig jaar knoopte hij opnieuw aan met een podiumplaats. Hoewel Verschueren nooit leek mee te doen voor de overwinning hield hij zijn tegenstanders toch ontzettend lang binnen schot. Uiteindelijk eindigde hij op ruim een tiende per kilometer van de winnaar (als we die gecontroleerde slotproef even wegdenken). We menen dat Verschueren dit jaar nog gegroeid is, dus als hij de kloof nog kleiner kan houden dan krijgen we misschien een andere rally. Maar Verschueren zal vooral met de BK-punten in het hoofd zitten.

DSC_3789Kris Princen bleef vorig jaar heel lang in de buurt van Verschueren tot hij zaterdagmiddag teruggeslagen werd en uiteindelijk nog moest knokken om een achtste plaats uit de brand te slepen. Princen heeft het begin dit jaar verdomd moeilijk gehad met Verschueren, tot hij in Tielt kon beroep doen op een betere motor. Toen ze in Bocholt terug met gelijke wapens streden bleven de kemphanen weer in elkaars buurt, als vanouds.

Dat zal wellicht in Ieper niet anders zijn. Princen kan inmiddels ook al flink teren op zijn ervaring – hij rondde vorig jaar de kaap van de 20 deelnames – , zal zich niet vergalopperen en vooral rijden met een telraam in de wagen. Verschueren niet laten uitlopen in de BK-stand, dat zal wellicht het enige doel zijn.

Misschien is het jammer dat beide heren een hoger doel in hun achterhoofd moeten houden. We zouden zowel Verschueren als Princen graag eens volledig bevrijd de strijd om de overwinning zien aangaan.

Ypres Countdown 2018: #3 Een Waal

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 3 brengen we u: een Waal, met Adrian Fernémont en Cédric Cherain.

Hermen Kobus gaf het na de Ypres Rally van vorig jaar al aan. Het niveau in België is er absoluut niet minder op geworden. Integendeel. Vooral Princen en Verschueren hebben elkaar naar een topniveau gebracht. Je moet dus al van goede huize zijn wil je meegaan met hen.

Gelukkig zijn er twee die dat kunnen.

De eerste is Adrian Fernémont die we toch wel de revelatie van het jaar mogen noemen. Allé, revelatie is misschien veel gezegd. Eerder de bevestiging van iets dat we al tien jaar zien, namelijk dat de Waal, nog altijd geen 30 jaar, enorm snel is en dat hij niemand moet vrezen. Dat toonde hij dit jaar zowel in Spa als in de Wallonie, waar hij zich met winst en een podiumplaats heel even opwierp als outsider voor de titel. Een spijtige opgave in de Sezoensrally, maakte echter abrupt een einde aan die ambitie, maar dat Fernémont zowel in Bocholt als in Ieper starten toont aan dat er ook in zijn entourage heel wat geloof wordt gekoesterd in het kunnen van hun poulain.

Dat mag ook wel, want Fernémont toont al sinds 2012 zijn talent in de Fiesta Trophy. Toen was er nog een echte jongerentrophy en Fernémont toonde zich al op het voorplan toen die cup nog hoogdagen beleefde, ondanks zijn geringe ervaring op dat moment.

DSC_0652

Fernémont toefde veel te lang rond in die Fiesta R2. Het zag er niet meer naar uit dat hij nog een stap hogerop zou zetten. Geen schande, de poel sterke Waalse jongeren was enkele jaren geleden nog vrij omvangrijk, en als er moet gehengeld worden naar fondsen dan kom je snel in dezelfde vijver terecht. (Lees misschien nog eens onze

nominatie voor de Sandropov Award van vorig jaar). Maar kijk, in 2016 proefde hij alsnog van een R5-wagen en liet zich meteen opmerken. Vorig jaar kende dat project een vervolg en vooral in de Condroz verbaasde hij vriend en vijand door zelfs kort even de kop te nemen. Fernémont leek zelfs nog een rolletje te gaan spelen in het kampioenschap toen hij het Verschueren nog moeilijk maakte tot op het einde.

En dit jaar was er dus die overwinning in Spa.

Fernémont kan en mag hoog mikken in Ieper. De rally is hem absoluut niet vreemd en hij reed al enkele degelijke resultaten. Geloof het of niet, maar hij werd in 2016, 2015 en 2014 drie keer 23ste in de Fiesta. Slecht mogen we dat niet noemen. Als hij in de buurt blijft van de protagonisten van het lopende BK dan moet hij in staat zijn om dicht te eindigen. Echter, we zijn niet blind, en geven toe dat Fernémont zal moeten rekenen op enkele uitvallers.

dsc_6826Net zoals die andere Waal: Cédric Cherain. Volgens de laatste berichten zou hij starten in een Skoda Fabia R5 en dan mag hij het podium ambiëren. Als hij start in een Ford Fiesta, dan moeten we hopen dat een goede Fiesta is, en niet zo eentje als in Spa.

Cherain blijft een rare vogel. De ene keer is hij niet te volgen, een andere keer oogt het allemaal nogal slap en veel andere keren eindigt zijn wedstrijd naast de baan. Maar het blijft wel een dijk van een piloot. Herinner u de wedstrijden met die vreemde Renault Mégane waarmee hij ooit eens tweede reed in de EBR, of zijn Franse uitstapjes met de Peugeot 208 R2, waar hij zelfs in het spoor kroop van Kevin Abbring en Stéphane Lefebvre.

Vorig jaar nam hij niet deel in Ieper, het jaar ervoor eindigde zijn rally op de enige natte strook van het hele parcours en in 2015 kende hij motorpech. Maar in 2014 werd hij wel knap en totaal onverwacht tweede na een feilloos parcours. Cherain geeft dus de sleutel tot succes in Ieper al gevonden. Hopelijk weet hij nog waar hij ‘m gelegd heeft.

 

Ypres Countdown 2018: #4 Een buitenlander

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 4 brengen we u: een buitenlander, met Hermen Kobus en Ole Christian Veiby.

Niet dat Britten geen buitenlanders zijn, maar in deze hebben we het over een Nederlander en een Noor.

DSC_5055De Nederlander, we hebben het uiteraard over Hermen Kobus, verkeert in goede doen na zijn zege in de ELE waar hij op één na alle besttijden reed. Niet dat het niveau heel hoog is maar met Bob De Jong, Jim Van den Heuvel en Mats Van den Brand stonden toch enkele snelle mannen aan de start. Eerder dit jaar werd hij vierde in de Duitse manche Rund um die Sülinger Bärenklau, die meetelt voor de Benelux Trophy, iets waar Kobus zijn zinnen lijkt op te zetten. God weet waarom.

Vorig jaar wist Kobus niet bepaald te overtuigen. Hij opende met een uitermate povere 20ste tijd en klom op regelmaat op, zonder echt op te vallen. Uiteindelijk werd hij nog vijfde. Veel hoger mag Kobus niet mikken. De Kobus van 2015, die overtuigend de EBR wist te winnen, lijkt niet meer.

De Nederlander vergaloppeerde zich door op Europees niveau te willen acteren maar met twee misstappen, in Gran Canaria en de Barum, moest hij daar schoorvoetend op terugkeren. Dit jaar lijkt er opnieuw meer “drive” te zitten in Kobus, maar meegaan met de beste Belgen, dat zal toch niet lukken.

Met Ole Christian Veiby hebben we toch een ster aan de start. Een kleine, jonge ster, maar toch een ster. De Noor zorgt zonder één meter te rijden voor heel wat kleur aan deze 54ste editie.

De 21-jarige Veiby (hij wordt er komende zaterdag 22) komt hier asfaltkilometers maken en dat is nodig, want zijn ervaring op tarmac is tot dusver eerder beperkt. We zien Veiby dan ook niet meteen meestrijden voor de knikkers, en zelfs niet voor het podium.

DSC_1028Anderzijds, de Noor is en blijft een talent en kan verrassen. Hij is ook het niveau van WRC2 gewend en daar is de tegenstand toch ook niet min. Veiby zakt af met een tweede plaats op Sardinië op zak, maar eigenlijk overklaste hij de tegenstand en zou hij zonder mechanische problemen met sprekend gemak gewonnen hebben.

Voor wie hem nog niet kent of twijfelt aan zijn kunnen, blikken we graag nog eens terug op zijn prille carrière. Na twee jaar rondhotsen in Noorwegen proefde hij in 2014 voor het eerst van het WRC met de DS3 R3. In 2015 werd hij vice-kampioen in WRC3 en vice-juniorkampioen na overwinningen in Zweden en Wales. In 2016 leek hij dat niveau al ontgroeid en proefde daarom van de Skoda Fabia R5. In  2017 reed hij heel wat koersen, waaronder een pak in het Asian Pacific Kampioenschap, waar hij ook vice-kampioen werd. Onderweg won hij zijn eerste WRC2-wedstrijd in Polen. Dit jaar is hij voorlopig derde in WRC2 en bij afwezigheid van Pontus Tidemand in Sardinië, overvleugelde hij daar, zoals gezegd, het ganse pak, al was de tegenstand misschien iets minder.

Met zijn start in Ieper, lijkt Skoda heel wat vertrouwen te tonen in de jonge Noor. Ze willen hem duidelijk klaarstomen voor het grotere werk. Daarop zal Veiby wellicht nog even moeten wachten, want met onder meer Tidemand en Kalle Rovanperä, die we zó graag eens in Ieper hadden gezien, staan er nog enkelen voor hem in de wachtrij. De Noor heeft echter zijn leeftijd mee en kan de komende jaren in de warme schoot van Skoda (en misschien Volkswagen) ervaring opdoen. Daar is hij in ieder geval nu al mee bezig, met straks de ontdekking van West-Vlaams, genadeloos asfalt.

Ypres Countdown 2018: #5 Nog een Brit

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 5 brengen we u: nog een Brit, met Matt Edwards, Keith Cronin en Rhys Yates. Toevallig ook de top drie in het Britse BRC.

DSC_4978Laten we even beginnen met Edwards omdat we die toch het minst hoog inschatten in dit triolet. Dat doen we op basis van zijn prestaties vorig jaar in Ieper. Edwards wist zich maar net in de top tien te plaatsen, maar de Brit toonde wel een groot aanpassingsvermogen. De openingsfase oogde nogal aarzelend maar al snel klokte hij enkele chrono’s in de top tien. Op zaterdag een zelfde stramien toen hij de proeven van de tweede dag ontdekte, maar na de middag ging het een pak beter. Aangezien hij nu een jaartje ervaring heeft moet hij in staat zijn om dit jaar vanaf het begin mooie tijden te klokken. Edwards was één van die namen die ons opviel, vooral door een leuke, spectaculaire stijl.

Zijn progressie vorig jaar is maar één van de redenen waarom we Edwards deze keer zo hoog inschatten. Vorig jaar, na de Ypres Rally werd hij nog tweede in de Manx – ook op asfalt dus – en de belangrijkste reden waarom we hem zo hoog noteren is dat de 33-jarige straks als leider in het Britse kampioenschap afzakt naar Ieper, en dat wil toch iets zeggen. Hij heeft iets mee van een laatbloeier. Hij nu pas begint te oogsten. Wie snelste Brit wil zijn in de Ypres Rally zal zeker rekening moeten houden met deze man.

DSC_5276Ook Keith Cronin moet in staat zijn om een top vijf-notering uit de brand te slepen. Vorig jaar werd hij bij zijn debuut zevende en eerste Brit, en dus ook winnaar van de Tony Pond Award. In Ieper legde hij meteen ook de basis voor een nieuwe nationale titel. Net als Edwards kan hij teren op zijn ervaring van vorig jaar. In 2017 opende hij met een vierde tijd, om daarna wat terug te vallen. Hij toonde daarmee wel aan dat de snelheid er is, en als hij de lijn van op Zonnebeke wat kan doortrekken dan behoort een goede eindnotering absoluut tot de mogelijkheden.

Om de vergelijking met Edwards nog wat groter te maken geven we nog mee dat Cronin de Manx vorig jaar won en dat hij dit jaar opende met een derde plaats in de Pirelli International Rally en dus derde staat in de stand.

Eén klein nadeel: het voordeel dat hij vorig jaar had door in Wervik te rijden heeft hij dit jaar niet. Echter, blijkbaar moest zijn deelname in de tabaksstad wijken voor een doorgedreven testsessie dus volledig onvoorbereid is de 31-jarige M-Sportrijder niet.

DSC_2520Besluiten doen we met een aanstormend talent waarmee we afgelopen weekend pas echt kennis maakten. Geef toe, vorig jaar zal hij u in Ieper niet echt opgevallen zijn, maar wat hij in Wervik liet zien was van een hoog niveau, een heel hoog niveau. Rhys Yates heeft op 21-jarige leeftijd hoge verwachtingen geschept.

Het was indrukwekkend hoe hij vorig weekend wegreed van de concurrentie, nog straffer dan wat Cronin het jaar voordien in de openingsfase liet zien. Yates degradeerde de tegenstand en toonde zich allerminst onder de indruk van het DS3 WRC-geweld van Kevin Demaerschalk. Als we de prestaties van Cronin bekijken van vorig jaar, lijkt warmdraaien in Wervik zeker een voordeel. Als hij dit tempo doortrekt, dan eindigt hij zeker heel dicht (als hij op de weg blijft).

Vorig jaar reed hij anonieme wedstrijd. Veel verder dan een 19de tijd kwam hij niet, (Ach, hij noteerde tenminste een tijd in de top 20) en besloot op de 24ste plaats. Hij werd later alsnog vierde in het Britse kampioenschap en maalde ondertussen al heel wat kilometers op asfalt. Hij opende zijn BRC dit jaar met een tweede plaats en mag dus als een outsider gerekend worden voor de titel.

Het is en het blijft moeilijk in te schatten met welke motivatie de Britten hier aan de start komen. Rijden ze voor de Britse punten of zitten er toch enkelingen tussen die het nodige eergevoel hebben en een mooie ereplaats ambiëren? Eén ding is zo goed als zeker. Van alle Britten die we opgelijst hebben, zal mogelijk de helft niet aankomen. De wegen en grachten blijven genadeloos en wie vorig jaar een goed resultaat reed, zal misschien net iets te voortvarend zijn dit jaar. In het verleden stond hier ooit eens een Brit die op een geweldige manier won bij zijn debuut, om het jaar erop zijn wagen compleet in de prak te rijden. Een gewoonte die hij later niet meer afleerde.

Ypres Countdown 2018: #6 Een Belgische importeur

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 6 brengen we u: een Belgische importeur, zijnde een Skoda, Peugeot en Citroën, ofte Sébastien Bédoret, Guillaume de Mévius en Kevin Demaerschalk.

Zeggen dat de merken amper nog iets inbrengen in de Belgische rallysport is verkeerd, ook al mag het uiteraard altijd meer zijn. In de Ypres Rally treden de vier grote merken die een R5-wagen hebben lopen (M-Sport en de Fiesta R5 even buiten beschouwing gelaten) in groot ornaat aan, elk met een jong talent.

DSC_4654Citroën brengt zelfs een gloednieuwe C3 R5 in stelling voor Kevin Demaerschalk, nog altijd maar 27 jaar. De jongste jaren zorgde de Ypres Rally nog niet voor veel geluk. In 2016 begon hij met een lekke band, maar Demaerschalk schoof wel nog op tot plaats negen. Vorig jaar was hij misschien zelfs bezig aan één van zijn sterkste rally’s ooit. Hij stond zaterdag al zesde in een toen al aftandse DS3 R5, maar kort later begaf de stuurbekrachtiging. Het was meteen over en uit. Demaerschalk en Citroën in Ieper, het bleek nog geen goed huwelijk, want we herinneren ons ook een fikse tuimelperte met de DS3 R3, toen nog als RACB-pupil.

Echter, er zijn ook mooie herinneringen, zoals 2014, toen hij veertiende algemeen werd in een Peugeot 208 R2.

Van de drie namen die we hier voorstellen moet Demaerschalk, gezien zijn ervaring, in staat zijn om de bovenhand te halen. Echter, mogen we enkele vraagtekens plaatsen bij de betrouwbaarheid van de nieuwe Citroën C3 R5? Afgelopen weekend reden er drie rond, op Sardinië en in de Vogezen, en geen enkele haalde feilloos de finish.  Aan de performantie hoeven we minder te twijfelen. De rally’s waar de C3 de finish haalde (die blijven voorlopig in de minderheid), leverden ook een mooi resultaat op. Tweede in WRC2 in Corsica met Yoann Bonato, derde in Portugal met Stéphane Lefebvre en zelfs al een eerste algemene winst in Lyon-Charbonnières, ook met Bonato. De C3 is snel, Demaerschalk is snel, dat moet vonken geven, als de wagen het uithoudt.

DSC_5357Peugeot mag opnieuw rekenen op Guillaume de Mévius die na een moeilijke periode terug op het goede spoor zit. Niet dat het echt veel betekent, maar winnen in de ORC en tweede worden in Wervik, dat zijn resultaten waarmee je met vertrouwen naar Ieper mag trekken. Bovendien was de Mévius vorig jaar weergaloos in de Kattestad, waar hij zonder al te veel moeite eerste R2 werd.

De druk is met twee betere prestaties echter niet weg. De Mévius heeft in Ieper absoluut een goed resultaat nodig en blijft maar beter op de weg, na crashes in de Condroz, Spa, Wallonie en nog eentje tussenin op test.

Echter, bij Peugeot en bij de RACB moeten ze de ambities ook realistisch houden. Dat Kevin Abbring vorig jaar won, betekent niet dat die Peugeot 208 R5 een echte winnaarswagen is. Integendeel, de overwinning van Abbring mag een half mirakel genoemd worden. Ze mogen niet verwachten dat ze met de Mévius opnieuw op het podium klimmen.

Als de Mévius een correcte rally rijdt en kan aanleunen bij de top vijf, dan mag iedereen zich meer dan tevreden stellen en mag de Mévius met een degelijk zomerrapport uitkijken naar het najaar, misschien met een andere wagen?

DSC_1901Ook Skoda treedt aan, met Sébastien Bédoret. De Waal mocht begin dit jaar Achiel Boxoen vervangen bij het Tsjechische merk en doet dat eigenlijk met verve. 1. Met een podiumplaats in Tielt en de Sezoens rijdt hij resultaten en 2. hij doet dat op een verstandige manier, kalm beginnen om snel te eindigen.

DSC_2282

Als we even kijken naar zijn jongste resultaat, in de rally van Wervik, dan zien we dat hij in de tweede helft van de wedstrijd eigenlijk de snelste in koers was, op Rhys Yates na. Dat is best wel straf, als jonkie tegen dat sterke veld. Als Bédoret in Ieper eens een snelle start kan nemen, dan moet hij in staat zijn om de Mévius snel bij te benen en misschien zelfs te overtroeven, zeker in betere Skoda Fabia. En als hij de in de buurt kan blijven van de snelste Britten dan lijkt ons een plaatsje in de top zes niet onrealistisch.

Ook bij Skoda moeten ze het nodige realisme aan de dag leggen. Dat is niet simpel als je gewoon bent om jaren te domineren met Freddy Loix. Als ook Bédoret kan aanleunen tegen de top vijf ,en links een rechts een scherpe chrono kan laten noteren, dan moet Skoda zich daar absoluut tevreden mee stellen, zeker na een schamele 17de plaats vorig jaar, toen nog met Boxoen. Bédoret zit nog volop in een leerproces, en daar is nu eenmaal tijd voor nodig. Of Skoda nu echt een nieuw goudhaantje vast heeft, moet nog blijken. Misschien kan de Ypres Rally daar al antwoord op bieden.

Zowel Citroën, Peugeot als Skoda zouden zich tevreden moeten stellen met een zesde stek. Het zou betekenen dat de wagens het hebben uitgehouden en dat hun pupillen meer dan degelijk werk hebben geleverd. Méér mogen ze die gasten echt (nog) niet vragen.

Ypres Countdown 2018: #7 Een Brit

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 7 brengen we u: een Brit, of beter, twee Britten en een Ier: David Bogie, Martin McCormack en Sam Moffett.

DSC_2049

Even beginnen met David Bogie, die de meesten nu wel goed zullen kennen na de Rally van Wervik. De Brit besloot de rally als zesde, nadat hij nog in de laatste proef gepasseerd werd door Pieter-Jan-Michiel Cracco. We zien Bogie in de beginfase opnieuw sneller gaan dan Cracco, vandaar dat we hem een plaatsje hoger zetten.

Hij nam ook vorig jaar deel aan de Ypres Rally, maar veel voordeel zal hem dat niet opleveren, want op Langemark, de tweede proef op vrijdag, ging hij al zwaar van de baan. Als hij dit jaar opnieuw een rolletje wil gaan spelen in het Britse kampioenschap doet hij er maar beter aan goed te eindigen want hij heeft al een nulscore achter zijn naam, na een koprol in de eerste verreden manche. Bogie won wel al twee kleinere rally’s dit jaar, waarvan eentje waar hij alle besttijden nam en ene Rhys Yates op bijna anderhalve minuut reed.

DSC_4703Een soortgelijk verhaal bij Martin McCormack. Zijn avontuur vorig jaar eindigde net als dat van Bogie op Langemark, en net als zijn landgenoot naast de weg. McCormack gaf in extremis verstek voor de Rally van Wervik en begint dus qua ritme zeker met een lichte achterstand op zijn landgenoot, maar hij reed ook al twee keer uit in Ieper en in 2015 eindigde hij nog knap achtste. Hij besloot dat jaar zelfs met een tweede tijd algemeen, al had het ook evengoed kunnen eindigen met een klapper in een gracht. De Brit is vaak nogal onstuimig, maar we gaan ervan uit dat hij lessen zal getrokken hebben uit zijn crash van vorig jaar.

McCormack opende het BRC met een vierde stek en kan dus mits een goede prestatie in de Ypres Rally een rol gaan spelen in de strijd om de Britse titel.

De laatste man die we voorstellen is geen Brit en doet eigenlijk ook niet mee aan het Britse kampioenschap. Nog niet,… Misschien kan de Ypres Rally hem op andere gedachten brengen. Hij zal het als Ier wellicht ook niet zo graag hebben dat we hem in dit lijstje zetten naast Bogie en McCormack, maar soit, we nemen er Sam Moffett voor het gemak toch heel eventjes bij.

DSC_5399We stelden Moffett al eens voor in 2015, toen we nog namen verkeerd schreven. Moffett is de oudste van het rijdende broederschap. In 2015 zeiden we dat hij trager was dan Josh, zijn jongere broer, maar we gaan er stilaan vanuit dat we dat moeten terugnemen, want in 2017 kroonde Sam zich tot Iers asfalt-, gravel- en nationaal kampioen, nadat hij 2016 als eens vice-kampioen op asfalt was geworden. Sam lijkt dus gegroeid en meer volwassen geworden en komt straks op een terrein waar hij zich meer op thuis voelt dan veel Britten.

Als we stellen dat hij zo goed geworden is als zijn broer in 2015, dan moet een mooie eindnotering er zeker in zitten, want in 2015 stond Josh, jawel, zevende, alvorens te zorgen voor één van de meest bekeken beelden van die editie. Ze kijken daar in de Hollebekestraat nog altijd door het geslagen gat in hun haag.

 

 

Ypres Countdown 2018: #8 Een streekrijder

De uitslag voorspellen van de Ypres Rally, dat is een beetje zoals gokken op de prestaties van de Rode Duivels tijdens een Russische roulette of zoals voorspellen wie er het einde niet haalt van het komende seizoen van Game of Thrones. Voor veel Britten leek de rally vorig jaar op hun Raid op Zeebrugge in 1917, voor een kleine Fransman bleek het eens te meer zijn Waterloo, terwijl een Vliegende Hollander warempel zijn spookschip richting winst stuurde. Om maar te zeggen, het kan verkeren in en rond Ieper.

Dit jaar een ander, doch oud concept. Tot de avond voor de shakedown gaan we duo’s of zelfs trio’s voorstellen, vaak in een bepaald thema. Op die manier spelen we in op een reeks opgaves maar zijn we vooral in staat om enkele onbekende namen voor te stellen, want niemand heeft nog behoefte aan een halve biografie van Vincent Verschueren of Thierry Neuville. Voila, de glazen bol is opgeblonken.

Op plaats 8 brengen we u: een Jobfixer, zijnde Didier Duquesne en Davy Vanneste.

De rally van Wervik heeft ons een pak wijzer gemaakt. Anderzijds zijn ook een aantal zaken bevestigd geraakt. Zo zullen Achiel Boxoen en PJM Cracco een vette kluif aan elkaar hebben, en met respectievelijk een negende en een zesde plaats in Wervik toont het heerschap aan klaar te zijn om een stekje in de top tien te ambiëren.

DSC_2703Maar ook Davy Vanneste toonde klaar te zijn voor de strijd, al moest hij wel de duimen leggen voor Rhys Yates en Guillaume de Mévius, en werd hij in de tweede wedstrijdhelft ook overtroefd door Sébastien Bédoret. We gingen er van uit dat Vanneste in de openingsfase zijn thuisvoordeel beter zou uitspelen, maar de jonge garde blijkt van een taai ras te zijn.

Desalniettemin mag Vanneste absoluut een top tien plaats ambiëren. In 2015 eindigde hij negende, in 2016 stond hij twaalfde voor zijn opgave en in 2017 besloot hij op een elfde plaats. Met de Skoda mag Vanneste zeker hopen op beter, vooral omdat hij in Ieper al toe is aan zijn vierde rally in twee maanden. De garagist kwam nog nooit zo goed voorbereid aan de start van de Ypres Rally.

DSC_1277Ook Didier Duquesne kan een plaats in de top tien opeisen. We doen die voorspelling vooral op basis van de resultaten de jongste jaren. De Aalbekenaar en de Wervikaan bleven de voorbije edities vaak in elkaars buurt hangen. In 2015 leek Duquesne op weg naar een elfde plaats, in 2016 werd hij effectief elfde en vorig jaar veertiende in de Ford Fiesta RRC na een moeilijke rally.

Duquesne moet wel nog een stevige crash zien te verteren. In het slot van de Sezoensrally ging de West-Vlaming hard van de baan, op een moment dat alles in zijn plooi leek te vallen. Ook in de 6 uren van Kortrijk ging het vorig jaar mis. De Aalbekenaar kan dus wel een goed resultaten gebruiken, al werd hij tussenin wel nog meer dan degelijk zesde in Tielt, weliswaar achter de eerste Porsche. De streekrijders doen er dus maar goed aan voor de eerste Porschist te eindigen.