En de Sandropov Award 2017 gaat naar …

… Uiteraard gaan we het hier nog even rekken en de winnaar aan het einde van dit slotakkoord bekend maken. Jullie waren met bijna 650 stemmers en tot op de laatste seconde werd er gestemd. Uw vele stemmen zorgen voor een representatief beeld en zorgt ervoor dat de winnaar zijn eretitel echt wel heeft verdiend afgelopen jaar. Het is de enige echte publieksprijs van het jaar. En ook al lijkt dit vaak op een populariteitspoll die uitgevochten wordt op sociale media, toch krijgen we altijd een mooie winnaar. Zo ook nu weer. En wie zijn wij om jullie tegen te spreken, de ware helden van deze sport.

DSC_135435 mensen waren niet akkoord met mijn eindejaarslijstje en kozen iemand anders. Zo gingen er zeven stemmen naar Jelle Vermeire. De jonge West-Vlaming flirt al enkele jaren met een nominatie en aan de stemmen te zien zou dat niet onterecht zijn. Ook Steven Dolfen pakt vijf stemmen en Fredericq Delplace kreeg drie stemmen. Ook Bruno Thiry, Joachim Wagemans (TER2-kampioen) (2), Polle Geusens (2), Romain Delhez en Kevin Demaerschalk stonden in het “andere”-lijstje.

Ze deden daarmee allemaal beter dan de nul stemmen voor Jonathan Georges. Vermeire en Dolfen troefden ook Bastien Rouard en Jim van den Heuvel af. Chris Van Woensel sprokkelde negen stemmen.

De top tien openen we met een ex aequo. Zowel Brecht Hoorne als Niels Reynvoet kregen vijftien stemmen. De twee combineren nochtans snelle tijden met een leuke stijl, al is het onmogelijk om een vergelijking te maken uiteraard.

Op plaats negen staat Sébastien Bédoret. Ook jullie konden appreciëren hoe hij in de East Belgian en de Condroz op zoek ging naar ieder puntje om toch maar, uiteindelijk tevergeefs, kampioen te worden bij de Juniors. Op de achtste plaats staat Thomas Vauterin, die enkele jaren nog een vice-titel scoorde hier, maar zijn meerdere moest erkennen in Tobi Vandenberghe.

Kampioen

Op plaats zeven een oud-winnaar met Vincent Verschueren die na zijn Belgische titel geheel begrijpelijk niet meer wakker lag van deze Award. Hij kreeg een stem minder dan Thierry Neuville die misschien wel één van zijn hoogste scores ooit boekte in deze poll. Neuville stond al (bijna) ieder jaar tussen genomineerden. Wellicht voor de laatste keer, want hoe kan hij nog beter doen dan in 2017? En als hij wereldkampioen wordt dan is er toch maar één die de Award verdient?

DSC_5130Jullie hebben duidelijk ook genoten van de prestatie van Kevin Abbring in de Ypres Rally. Het levert hem hier een zesde plaats op. Abbring was de enige buitenlander bij de genomineerden.

Bij de top vijf allemaal namen die de voorbije weken wat reclame hebben gemaakt op sociale media. Victorien Heuninck heeft een trouwe fanbase en dat uitte zich in meer dan 50 stemmen. Niet slecht voor iemand die we maar één keertje aan het werk zagen in België dit jaar. Op vier staat Grégoire Munster die dit jaar debuteerde en meteen verraste. Hij maakte het hele jaar door progressie. Zéker iemand om op te volgen. Hij lag tijdens de nominaties in de weegschaal met Romain Delhez maar uiteindelijk zijn we blij dat we gekozen hebben voor Munster, zeker gezien zijn groeicurve en progressiemarge.

Op plaats drie een Waal, en dat is toch ontzettend verrassend, gezien de meeste stemmers hier West-Vlamingen zijn. Adrian Fernémont kwam ons persoonlijk bedanken voor de nominatie. Voor hem was er maar één rechtmatige winnaar en dat was Thierry Neuville, maar kijk, Adrian nam zonder veel moeite afstand van de Oostkantonner. Fernémont hield lange tijd gelijke tred met de koplopers maar moest de jongste dagen wat terrein prijsgeven. Dat een Waal 81 stemmen haalt in deze poll, geeft toch aan dat ook heel wat Vlamingen zijn fantastische Condroz naar waarde wisten te schatten. Geheel terecht trouwens.

Sprinter vs. afstandsloper

Onze nummer twee had op zeker moment 26 procent van de stemmen in handen, maar moest na de openingsdag steeds meer terrein prijsgeven. Kort voor het weekend werd hij uiteindelijk bijgebeend, voorbijgestoken en uiteindelijk nog achtergelaten met de eindstreep in zicht. Onze winnaar kreeg elke dag een mooie aantal stemmen achter zijn naam, kwamen steeds nadrukkelijker vooraan post nemen en ging uiteindelijk nog vlot naar winst. Dennis Degroote bleek de beste spurter maar Gilles Pyck geraakte uiteindelijk het verst en kwam als eerste over de meet.

Op z’n zachtst gezegd een opvallende top twee.

DSC_7309Het geeft aan dat de stijl van Degroote afgelopen jaar enorm geapprecieerd werd. De (voorlopige) light-versie van Lorenzo Bossu is klaar om volgend jaar vol voor die chrono’s te gaan, en wie weet, ergens een eerste overwinning mee te graaien.
Maar de uitslag geeft ook aan hoe Poperingenaar Gilles Pyck zich in geen tijd in de harten van de supporters heeft gewerkt. Wellicht door zijn mooie stijl waarmee hij spektakel schijnbaar moeiteloos combineert met snelheid. Het kan verkeren, voor uw achttiende verjaardag een plaatsje naast je vader krijgen in die Clio V6 om kort later het ware potentieel van dat machientje nog eens te tonen aan het West-Vlaamse publiek. U achter het stuur zetten, was een ontzettend mooi gebaar van uw vader, maar vooral een slimme zet. Het was hoog tijd. We kunnen ons goed inbeelden dat er gaten in uw kas en notaboekje moeten gefret zijn na enkele rally’s in de rechterkuip.
Pyck (die trouwens vorig jaar ook al wat stemmen sprokkelde) reed dit jaar met misschien wel de moeilijkst te besturen wagen van het ganse pak. Als je daarmee zo’n straffe chrono’s kan zetten dan zal het wellicht niet lang duren vooraleer hij in 2018 zijn ware potentieel toont met een andere wagen. Met een R2? In het Junior BRC in combinatie met een buitenlandse tripje of twee (vb. Touquet)? Laat het ons hopen! Pyck heeft zijn leeftijd nog mee om er iets van te maken.

Proficiat Gilles, je bent een terechte winnaar. Veel succes de komende jaren!

Rest me nog jullie te bedanken voor de vele stemmen. We horen elkander weer. Alvast een heel gelukkig Nieuwjaar en een spetterend 2018 gewenst.

 

 

Advertenties

Dé prestaties van 2017

Hoewel het de jongste maanden stiller was op Sandropov, houden ook wij vast aan eindejaarstradities en dus mag ook in 2017 de Sandropov Award niet ontbreken. Zeker dit jaar niet, nu we één van de meest geanimeerde rallyseizoenen sinds mensgeheugens achter de rug hebben. Tijdens het WRC-seizoen zaten we maandenlang op onze nagels te bijten en te wachten tot Thierry Neuville zijn opgaven in Monte-Carlo en Zweden zou wegvegen en zich terug naast Ogier zou hijsen. Dat gebeurde uiteindelijk afgelopen zomer, maar een verlengstuk kregen we helaas niet. In 2018 dan maar. In het BRC werden we keer op keer getrakteerd op fantastische wedstrijden met scenario’s die meer kronkelden dan de lakens van Harvey Weinstein en Kevin Spacey samen. Het slot was om duimen en vingers van af te likken.

De uitreiking van de RACB Awards staat voor de deur, maar hier hebben jullie het voor het zeggen. We zetten nog eens onze meest opvallende prestaties van de Belgen (in binnen- en buitenland) en van buitenlanders in België op een rij. Aan jullie om dan uit te maken wie of wat de strafste was. ’t Is een lange lijst geworden, maar ach, we hadden iets in te halen.

1. Thierry Neuville in Argentinië

DSC_4078Hij keert jaarlijks terug in onze lijst. En ook al speelt Thierry Neuville in een andere categorie dan de rest van de namen, dan nog moet hij erin. “Noblesse oblige”. De Oostkantonner won dit jaar de meeste WRC-manches, was veruit de beste performer en was de auteur van één van de strafste rallymomenten van 2017.

Na de openingsdag in de Rally van Argentinië leek Elfyn Evans al op weg naar zijn eerste WRC-overwinning. De Brit profiteerde optimaal van zijn Britse rubber en snelde ervandoor. Thierry Neuville, jagend op punten na die dramatische opgaves, volgde op meer dan een minuut. Een eeuwigheid in de sprintkoersen die die WK-manches vaak geworden zijn.

Tot zaterdagmiddag leek Evans op weg naar de zege tot hij een mokerslag kreeg op El Condor. Op zondag gaf Neuville hem nog een tik op de voorlaatste proef, waardoor hij bij het ingaan van de laatste proef maar zes tienden meer overhield. Evans leek op de Power Stage alsnog zijn slag thuis te halen tot een tik tegen een brug de Brit uit zijn lood sloeg. Neuville klokte 1,3 seconden sneller aan en pakte een overwinning die de geschiedenisboek ingaat. Alleen daarvoor is een nominatie al terecht.

2. Bastien Rouard in Spa

DSC_9531Tot dit jaar hadden weinigen, behalve de echte asafisten, gehoord van Bastien Rouard. Maar in de Haspengouw verbaasde de jonge Waal met een plekje in de top tien in zijn DS3 R3, en dat op een parcours dat meer glibberde en gleed dan de ijsbaan in het Heerenveense Thialf.

In Spa bevestigde Rouard al het goede, opnieuw op een uiterst delicaat parcours. In die uiterst nukkige wagen wrong Rouard zich naar voren en dankzij een reeks diskwalificaties kwam hij op een vijfde stek terecht, meteen goed voor een tweede plaats in de BK-stand waarin hij uiteindelijk vierde zou worden. Of er in Rouard een groot talent schuilgaat moet nog blijken, eens hij zich kan mengen tussen mannen met gelijkaardig materiaal want dit jaar reed hij op een eilandje in die R3. (Er zijn er zowaar nog die op een R3-eilandje rijden, maar toch maar VAS-kampioen worden). Misschien moet Rouard zich volgend jaar wagen aan een R2. Het zou verhelderend werken en aantonen of hij deze nominatie waard was.

3. Chris Van Woensel in Epernay

CVW was dit jaar niet welkom in het BK door zijn overwinning in Roeselare 2016. En dus trok hij met zijn bloedmooie Lancer WRC begin april naar Frankrijk, naar een van de mooiste rally’s op de Franse rallykalender, daar in het hartje van de Champagne.

Hij had het in de openingsfase knap lastig met enkele jonge honden in een R5, maar toen die zichzelf uitschakelden door hun onstuimigheid nam Van Woensel de rally helemaal in handen. De rest stond zelfs niet op de foto, zo dominant was Van Woensel. Later pakte hij ook nog een knappe tweede plaats in de Vosgien, kort achter de wederoptredende halve Belg William Wagner.

4. Vincent Verschueren in Tielt

DSC_7571Verschueren de underdog en Verschueren de krijger, die kenden we al langer, maar in Tielt kwam daar Verschueren de winnaar bij. Het had niet veel gescheeld of hij won al in de Haspengouw. In Tielt toonde hij zich heer en meester op zijn terrein en benadrukte hij zijn titelambities.

Later dit jaar leerden we ook Verschueren de strateeg kennen. We verweten Freddy Loix vaak dat hij met een telraam op de schoot zat, maar bij Verschueren niet. Niet als er zoveel op het spel staat. Was hij over het hele jaar gezien de snelste? Misschien niet, maar aan het einde heeft enkel de winnaar gelijk. Hoe je het ook draait of keert, de titel is een bekroning, niet enkel voor Verschueren, maar voor het hele team en vooral voor Gaby Goudezeune die Verschueren in zijn hart sloot en bleef geloven in de motorrijder uit Zingem. Geef toe, wie zag er een Belgische kampioen in Verschueren toen hij nog op pad ging met die Subaru N14? Wellicht maar één man!

 

 

5. Jonathan Georges in de Wallonie

Om één of andere reden konden we enkel op zondag gaan kijken naar de Wallonie. Geen erg, want er was nog een stevige strijd en het lijstje uitvallers was beperkt. Integendeel, het was best leuk om de allersnelste vooraan te zien, zoals wel vaker tijdens tweedaagse rally’s.

DSC_3426Groot was dan ook onze verbazing toen we als 25ste wagen, kort na de R5 van PJ Maeyaert (Sandropov Award 2015) en de indrukwekkende Christophe Verstaen (net niet genomineerd na zijn top tien in de Haspengouw) plots een kleine rode Clio zagen afstormen. Het was Jonathan Georges.

Het is vreemd dat hij nog nooit deze nominaties haalde, want wie de erelijst er even bijneemt zal opschrikken. Georges eindigde ook in 2016 22ste in de Wallonie, net zoals dit jaar. Hij werd ook tweede in het critérium in de EBR in 2015, enz. enz.

We kunnen echt nog genieten van “de kleintjes”, de “regionallekes”, in een BRC-manche … en Georges was veruit het beste kleintje dat we afgelopen jaar zagen in het BRC (ook al omdat we amper ASAF deden dit jaar, tot onze spijt).

 

6. Dennis Degroote in Marchin

DSC_2626Het is hoegenaamd niet de gewoonte om iemand te nomineren in een rally waar die niet uitreed, laat staan iemand te nomineren op basis van één tijd. Maar Dennis Degroote opende in Marchin met een derde tijd op amper dertien tellen van Xavier Bouche in een Mitsubishi Evo X. Degroote was zelfs vijftien tellen sneller dan Philippe Dewulf in de Corolla WRC, en dat op een terrein dat Dewulf op het lijf geschreven is.

Het was zeker geen toevalstreffer. We zien al langer dat Degroote iets heeft wat we al te vaak missen op de Vlaamse wegen. Een spectaculaire piloot met een half steekje los in het hoofd. Wild kun je het niet noemen, daarvoor zag hij teveel de finish in 2017. Meer zelfs, onderweg nog zesde worden in de ORC en negende in Wervik met een wagen van bijna twintig jaar oud, zo raak je genomineerd voor de Sandropov Award.

 

7. Jim Van Den Heuvel in Wervik

DSC_5100Of de prestatie van Jim VDH in Wervik nu echt bovenaards was, dat laten we even in het midden, maar geen enkele passage ging meer over de lippen dan Jim zijn afdaling van de Fobbestraat (De Linde, in de volksmond) op KP Wervik.

De jonge broer van Jasper greep later nog de titel in de TER Production Cup met onder meer winst in Ieper en de Valais. Benieuwd welke richting hij volgend jaar uitgaat. De Nederlander is amper 20 jaar, dus heeft de toekomst nog voor zich.

8. Kevin Abbring in Ieper

DSC_5248Hoeveel mooier is die titel van Verschueren niet geworden dankzij de aanwezigheid van Abbring in ons BRC? Abbring was een attractie, altijd en overal. Zelfs op wegen die hij niet al te goed kende.

 

In Ieper kwam hij op vertrouwd terrein. De titel leek toen al verloren ondanks winst in de Wallonie en dus was het in Ieper van moetens. Peugeot en Pieter Tsjoen hadden begin 2017 maar één doel en dat was de titel. Toen die op dat moment al ongrijpbaar leek (later kwam die alsnog terug in het vizier) kon enkel winst in Ieper het seizoen van Abbring en Peugeot kleur geven.

Geen gemakkelijke opdracht, want naast de mannen die hij al het hele jaar tegenkwam, moest hij ook opboksen tegen Thierry Neuville en Bryan Bouffier. We zagen Abbring doen wat hij in Namen al deed, namelijk het kopje gebruiken. En met resultaat. Neuville’s promostuntje eindigde met een buiteling op KP Dikkebus. En Bouffier reed zijn zegekansen stuk op Kemmel, door iets te optimistisch over de inmiddels gekende bult te gaan.

Het blijft straf hoe Abbring met die Peugeot 208 R5, toch de minste van alle R5-wagens, het laken in de kattenstad naar zich toe trok. Het blijft evenwel onbegrijpelijk hoe hij dik twee maanden later een flink pak voor de broek kreeg van Verschueren op vergelijkbaar terrein. Waar zitten de complotdenkers?

 

9. Thomas Vauterin in Ieper

DSC_5376

Meteen even melden dat Thomas Vauterin met deze nominatie een kleine broedermoord pleegt. Broer Pierre stond op de kortste “longlist” maar hebben we alsnog geschrapt, ondanks dat hij even op kop stond in het juniorkampioenschap, tweede algemeen werd in Doornik en Guillaume de Mévius hielp aan een juniortitel. Ach, zo moet de achterban niet kiezen, worden de stemmen niet verdeeld en kan Thomas voluit gaan voor de Award.

We nomineren Thomas niet voor Kortrijk en dat zal wellicht verwonderen want hij werd daar uiterst knap tweede, terwijl het startveld dat van de Omloop en de TAC moeiteloos overtrof.

Maar Ieper dus, waar Thomas voor het eerst plaatsnam in een R2-wagen. Hij opende vrij kalm maar had amper vier proeven nodig om een eerste keer een tijd in de top 5 te klokken. Slapen ging ie met een derde tijd. Timo Van der Marel kreeg er 11 om de broek, seconden ja.

Van dan af was hij amper uit de top 5 te branden en na tien proeven troefde hij Guillaume de Mévius voor een eerste keer af. Toen was Sébastien Bédoret nog blij dat er Vauterins meereden. Doorheen de zaterdag werd de kloof met de allersnelsten steeds kleiner en uiteindelijk rondde hij de wedstrijd af met een derde tijd op Boeschepe en een vijfde stek algemeen. “Wist ik veel dat ik TER2 moest aanvinken in onze inschrijving?”, zei hij recentelijk nog.

 

“Eat your heart out Joachim Wagemans.”

10. Brecht Hoorne in Ieper

 

Het seizoen van Hoorne laat zich grotendeels samenvatten tot een reeks opgaves maar in Ieper kwam hij wel aan, al liep dat niet van een leien dakje.

DSC_5110Hoorne schitterde in die spectaculaire BMW Compact en had tot zaterdagmiddag uitzicht op een plekje in de top 25. Hij stond netjes tussen de snelste R2’s, als Chris Ingram en Guillaume de Mévius en hield ook een pak achterwielaangedreven speelkameraden met gemak achter zich. Op het einde leek het nog even mis te gaan, maar Hoorne bereikte alsnog de finish op een 34ste plaats, een plaats die hoegenaamd niet representatief is voor een geweldige prestatie.

11. Niels Reynvoet in Staden

DSC_0907We hebben al heel wat jonge snaken en “rookies” gehad en er komen er nog veel meer aan. Opvallend is dat de Vlaamse spoeling wat aandikt. Dat zal later in dit lijstje nog wel blijken.

We nomineren Reynvoet in Staden omdat hij ons hier voor het eerst echt opgevallen is. Na een druk voorjaar en een stevig leerproces liet Reynvoet in Staden voor het eerst zien dat er echt wel iets schuil gaat in de jonge West-Vlaming. En hoewel hij de finish van de rally niet zag, liet hij zich wel opmerken.

 

Op die 15de augustus stond ik aan de finish van de eerste proef, in de gietende regen, zeiknat. Danteske omstandigheden.  We volgden er de rally voor de radio en hadden in die hoedanigheid voor het eerst persoonlijk contact met de jonge Reynvoet. Ook al liep die eerste proef niet vlekkeloos, toch flirtte hij met de top tien. Tot over halfweg zou hij die tiende stek vasthouden tot de mechaniek er anders over besliste. Sterk, ontzettend sterk in die omstandigheden. Reynvoet bevestigde al het goede in de Condroz en Kortrijk.

12. Grégoire Munster in 3-Städte Rallye

DSC_0677

We nemen even voor het gemak de laatste rally van de Duitse Opel Adam Cup, maar eigenlijk willen we toch wel het hele traject van de jonge Grégoire Munster eens belichten. Was er een prijs voor “Rookie” van het jaar dan hij ging die bijna met zekerheid naar Munster. (Bijna, want we er passeerde al een rookie, en er komt er nog eentje)

Papa Bernard heeft dat uitstekend gezien: Grégoire laten rijpen in het buitenland. Weliswaar in een ijzersterke merkencup, maar toch een beetje in de luwte van de binnenlandse pers.

Wij zagen echter al in de Haspengouw dat Munster iets heeft. “Un certain je ne sais quoi!” Hoe hij schaatste over dat vettige parcours, met die car control, in een eerste rally, … Ja, dat viel meteen op!

Munster boekte ontzettend veel progressie en kon zich aan het einde van het seizoen vaak meten met de snelsten in de Opel Adam Cup. Niet slecht voor iemand die alles nog moet ontdekken. En ook bij enkele Belgische passages zond hij met zijn Adam Cup enkele goede R2-rijders met het schaamrood op de wangen terug naar huis.

Munster zit in een huis waar alles aanwezig is om er iets van te maken. We willen hem wel waarschuwen. Sla geen stappen over. Volgend jaar verder rijpen in Duitsland met die Adam, met enkele uitstapjes in een R2 op Europese wegen (en als het kan of mag op Belgische wegen). Even in de marge ook een “thumbs up” geven aan Romain Delhez die het ook niet onaardig deed, maar het nog steeds moeilijk geeft om regelmaat aan de dag te leggen.

13. Victorien Heuninck in Doornik

DSC_8598Heuninck is geen onbekende in deze eindejaarslijst. Hij zat al eens bij de genomineerden na zijn prestatie in Ieper 2015.

Dit jaar had het niet veel gescheeld of we konden hem niet in de lijst zetten, want Heuninck bleef het gros van het seizoen in Noord-Frankrijk hangen. Hij verblufte er keer op keer en bleef in zijn Mitsubishi Lancer Evo IX constant in de buurt van de allersnelsten, ook al reden die vaak met een sterke WRC. Begin dit seizoen botste hij enkele keren tegen Laurent Bayard, later tegen de WRC van Jean-Charles Beaubelique of die van Farouk Moullan, of zelfs Stéphane Lefebvre. Nooit kwam Heuninck zo dicht bij die eerste algemene overwinning als dit jaar. Maar ook in 2017 leek het niet te lukken.

Tot hij zich inschreef voor de rally van Doornik. Daar leek hij tegen Pieter-Jan Maeyaert te botsen die fors opende. Maar Heuninck herstelde snel en had PJM snel bij de lurven. Een lekke band leek nog roet in het eten te gooien maar de Fransman gaf zich niet te kennen en ging voor een tweede keer op jacht. Net voordat hij PJM opnieuw bij zijn nekvel had schoof de West-Vlaming van de weg en was die eerste algemene zege voor Heuninck een feit. Eindelijk victorie voor Victorien.

Het blijft ontzettend jammer dat Heuninck enkele jaren geleden geen kansen heeft gekregen om een echte carrière uit te bouwen, want het talent spat ervan af bij deze Nordist. Heuninck is en blijft een attractie, overal waar hij komt, gelijk met wat hij rijdt.

14. Gilles Pyck in Doornik

IMG_20171008_184555We kunnen eigenlijk vrij kort zijn, en de nominatie verantwoorden met een korte vraag. Zagen jullie Bart Pyck al rijden met die schijnbaar ontembare Clio V6? Ja? En zagen jullie Gilles Pyck al de tango dansen met die grillig ronkende Clio V6? Ja? Wel dan.

Na jaren murmelen: pff, die V6, das toch echt geen rallyauto, moesten we plots onze mening een herzien. Wat Pyck op het vettige parcours in Doornik liet zien was ronduit fantastisch. Hij werd derde algemeen. En ook al oogde het deelnemersveld eerder slap, toch mocht de prestatie gezien worden. Zo eindigde hij amper een half minuutje achter Pierre Vauterin.

In Kortrijk leek een fantastische strijd in de maak tussen Pierre Vauterin en Pyck, maar de strijd werd snel gefnuikt door mechanische problemen. Hopelijk zet de strijd zich volgend jaar verder.

15. Sébastien Bédoret in de Condroz

DSC_0412We hebben lang getwijfeld om Bédoret erin te zetten omdat we al te vaak te weinig progressie zagen in de jonge Waal. (We waren niet alleen met die mening, een ouwe R2-kampioen deelde die gedachte). Tot die titel bij de Juniors in het najaar plots in zicht kwam en Bédoret boven zichzelf uitsteeg.

Hoe Bédoret in de Condroz op zoek ging naar die titel, was fantastisch. Op basis van zijn laatste wedstrijden verdiende hij zeker die titel, maar ironisch genoeg miste hij op een haar na het kroontje omdat beide de Méviussen zorgden voor een neutralisatie. Pierre Vauterin (wat valt die naam hier veel) graaide ook nog twee besttijden mee, en dus mocht Bédoret zijn kampioenendroom terug opbergen.

16. Adrian Fernémont in de Condroz

DSC_0652We weten al veel langer dat Adrian Fernémont uit het goede hout gesneden is. Hij komt uit een ontzettend sterke lichting en een gouden generatie jongeren waarvan de meesten nooit verder zijn geraakt dan de titel “eeuwige belofte”. Enkel Kevin Demaerschalk ontspringt die dans nog wat, maar als Citroën volgend jaar de stekker uit hun rallyprogramma trekken dan moet ook Demaerschalk helemaal van voor af aan beginnen, terwijl de tijd dringt.

Maar goed, ook Adrian Fernémont, nog steeds geen 30 jaar (!!!), is zo’n “eeuwige belofte”. Al die snaken die tot een jaar of drie terug samen in een R2 vochten, hebben elkaar ontzettend sterk gemaakt. Het jammere was dat er niet eentje echt uitsprong en dat ze allemaal in dezelfde “financiële poel” moesten gaan vissen. Samen groots geworden, samen terug ten onder.

Maar Fernémont lijkt zich nog niet helemaal gewonnen te geven. De Waal reed eigenlijk een dijk van een seizoen met enkele knappe resultaten waaronder een goede Wallonie, een knap debuut met de Fabia R5 in Haillot en een sterke EBR. Maar in de Condroz viel alles helemaal in zijn plooi en kon hij de besten volgen, en dat met een Ford Fiesta R5. Het was al even geleden dat we een Fiesta het de Skoda’s nog zo moeilijk hadden zien maken. Hij nam een beetje de rol over van Xavier Baugnet die zich eind 2015 nog eens liet zien, in 2016 bevestigde maar in 2017 geen kilometer reed. Fernémont opende met een gedeelde snelste tijd en streed tot het slot voor het podium. Hij moest uiteindelijk de duimen leggen voor dat podium tegen de Belgische kampioen, die amper 13 tellen sneller was.

Laat ons hopen dat Fernémont volgend jaar een mooi programma kan ineen boksen en hij niet hetzelfde lot ondergaat als dat van Baugnet. Een programmaatje van zes à zeven BRC-manches. Mocht dat lukken, dan hebben we er een outsider voor de titel bij.

 

 

 

 

 

 

 

Verschueren lonkt naar titel

Een pakketje jokers en schrapresultaten gooiden het kampioenschap na Ieper helemaal om. Leek Verschueren na Tielt nog rustig richting een eerste titel af stevenen, moest hij in de Omloop van Vlaanderen plots vanuit tweede positie te vertrekken. Maar de Oost-Vlaming herstelde eigenhandig de orde en ligt, voor de tweede keer in één en hetzelfde jaar, op titelkoers dankzij een tweede seizoenszege in de 58ste Omloop van Vlaanderen.

DSC_7571“Links 12 à fond, rem glad”. Met die wel heel vreemde nota kreeg de strijd om de titel een stevige wending. Princen leek enkel aandacht te hebben voor het eerste deel van de nota, ging quasi volgas door een gladde linkse en de rest is inmiddels geschiedenis. De titeldroom spatte als verse popcorn in een hete pan alle kanten op. Co-rijder Peter Kaspers was voor de Omloop vrij duidelijk: als de titelkansen in de Omloop een deuk zouden krijgen, zou de East Belgian Rally van het programma geschrapt worden. Met andere woorden: de titel zal niet voor dit jaar zijn.

Ook voor Kevin Abbring wordt het ontzettend moeilijk. De Nederlander moest in en rond Roeselare punten afnemen van de rest en dat is niet gelukt. Ook Peugeot lijkt al volop te denken aan de Condroz. Een derde zege, en dat eentje in hun thuisrally als hoofdsponsor, lijkt belangrijker dan de strijd om het kampioenschap. Het is dus best mogelijk dat Roeselare een kantelpunt was en dat de East Belgian Rally het kampioenschap in een finale plooi zal leggen.

Het zou een einde in mineur zijn, maar laat ons wel wezen, Vincent Verschueren zou een absoluut verdiende kampioen zijn, ook al krijgt hij zijn titel straks mogelijk op een zilveren schoteltje. (Let wel: we spreken in de voorwaardelijke wijs, want voor ’t zelfde geld starten Princen en Abbring wél in de EBR – dit voor u ervan uit gaat dat ik hier met hard nieuws kom).

Laten we nog heel even het seizoen overlopen en kijken hoe #46 zijn lonkende titel helemaal zelf gemaakt heeft.

In de Haspengouw kon Verschueren niet volgen met Kris Princen, maar hij hield wel knap een furieuze Abbring achter zich. Met een laatste lendenruk haalde hij ei zo na nog Princen terug. In Spa zag het er lang niet goed uit maar Verschueren knokte, bikkelde terug en kwam vanuit een verloren positie terug tot stek twee, geholpen door de uitsluiting van Cédric Cherain. In Tielt stond er dan weer geen maat op Verschueren die van begin tot einde de rally in handen had en koeltjes Princen afhield. De ban werd gebroken, Verschueren toonde dat hij ook kon winnen en schudde het etiket van underdog van zich af.

In de Wallonie bleef hij lang aandringen bij Abbring, wat eigenlijk niet moest, gezien Abbring op dat moment amper een bedreiging vormde in het kampioenschap. Een lekke band sloeg Verschueren terug, maar hij liet de moed niet zakken en ging nog dat podium zoeken, met succes trouwens. Hij troefde op de laatste proef nog Guillaume Dilley af. Het waren misschien wel de belangrijkste punten van het seizoen. In Bocholt bleef hij Princen onder druk zetten, wat op dat moment, opnieuw, niet nodig was. Uiteindelijk nekte één rotsteen Verschueren. Kris Princen deed er wat smalend over achteraf. “Die stond in mijn nota’s”, zei hij. Een uitspraak die nu een pak zuurder klinkt. In Ieper zette Verschueren, totaal onnodig, zijn joker in. Maar achteraf gezien lijkt het geen domme zet, want zo werd de zege in Roeselare een pak meer waard.

Princen ging twee keer van de baan en werd één keer op zijn waarde geklopt, Abbring was te wispelturig en hypothekeerde zijn kampioenschap zelf in Spa. Er is er maar eentje die het hele seizoen lang de kalmte wist te bewaren en pas na een grondige beredenering voor de aanval koos als dat echt nodig was. Verschueren zette niet enkel een stevige stap voorwaarts qua pilotage maar bleek ook nog eens de beste strateeg doorheen het jaar. Uiteraard is het gemakkelijk gezegd en geschreven achteraf, maar toch. Zelfs nu blijft Verschueren kalm, nuchter en wordt hij niet verleid tot grootse uitspraken.

De drie protagonisten verdienen elk op hun beurt de titel, want ze hebben er een waar schouwstuk gemaakt van dit seizoen. Het was het mooiste seizoen in jaren, de rally’s afzonderlijk bekeken enerzijds maar ook de strijd om de titel anderzijds, en die mag voor ons part best nog wel verlengd worden. Voor ons hoeft Verschueren in Sankt-Vith nog geen kampioen te worden, al zal hij daar wellicht wel anders over denken na een toch wel slopend (veel te) lang seizoen.

Merken we nog op: de winst van Sébastien Bédoret die eigenlijk in het ijle reed door de afwezigheid van Guillaume de Mévius. Het is moeilijk om zijn prestatie naar waarde te schatten, want daarvoor vielen Jelle Vermeire en Pierre Vauterin iets te licht uit. (Heeft er nog iemand gedacht aan Steven Dolfen afgelopen weekend?)

En ook de winst van Franky Boulat in de M-Cup mag gezien worden. Toch sterk tegen die West-Vlaamse armada, en zeker als je zijn algemene uitslag erbij neemt.

En ook over Achiel Boxoen hebben we nog een woordje veil. Na Ieper vroegen we, nee, smeekten we, om een vlaag van dat ongekende talent te tonen. Zonder uitvallers eindigde hij niet in de top vijf, maar de jongeman zat geregeld in de tijden van een Didier Duquesne (toch knap mee op het podium) en Pieter-Jan Maeyaert (die niet meer in eigen gouw kan rijden dan in de Omloop). Toch niet slecht. Boxoen klokte op de openingsdag al een mooie tijd op Beveren 2 en op zaterdag zat hij na de eerste (!) passage op Zilverberg op 0,9sec/km. Daar moet hij zich aan optrekken!

 

The Finnish Empire Strikes Back

blog

De Rally van Finland heeft een jong koningskind gebaard. Esapekka Lappi zorgde afgelopen weekend voor de 55ste Finse overwinning op 67 edities, maar bovenal, de Finnen zijn helemaal terug en heersten als vanouds op hun wegen die zich tussen 1.000 meren kronkelen. Een nieuwe generatie staat op en zorgt ervoor dat de toekomst voor de Suomi voor minstens anderhalf decennium verzekerd is.

DSC_3913Afgelopen weekend heb ik vaak terug gedacht aan een artikel dat ik in 2011 schreef. Toen heerste Sebastien Loeb in en rond Jyväskylä met in zijn spoor Sebastien Ogier. Geen enkele Fin kon volgen. Niemand vulde het hiaat dat recordwinnaar Marcus Grönholm achterliet.

Maar zie daar, zes jaar verder stonden er in de eindfase zelfs vier Finnen op de eerste vier plaatsen. Een volledig Fins podium leek zelfs even in de maak en dat was al geleden van 1997. Daar zorgden Tommi Mäkinen (toeval bestaat niet), Juha Kankkunen, Jarmo Kytölehto en Sebastien Lindholm voor. Wie de uitslag erbij neemt van dat jaar moet denken dat de rally dat jaar geen deel uitmaakte van het WRC, maar eerder van een Fins kampioenschap. Zo groot was de hegemonie der Scandinaven.

Afgelopen weekend reed de nieuwe generatie zich in de kijker. Esapekka Lappi boekt bij zijn vierde deelname in een WRC-wagen een eerste overwinning. Straf, bijzonder straf. Lappi mag nu al de gedoodverfde opvolger van Latvala genoemd worden, met dat ene verschil dat Lappi misschien wel een titel zal winnen. Teemu Suninen zette een minstens even sterke prestatie neer door tot op de slotdag mee te doen voor het podium, en dat in zijn tweede rally in een WRC-wagen. De prestatie is mogelijk nog straffer, want Lappi werkt al bijna een jaar op Finse bodem aan die Yaris.

Het is trouwens opvallend hoeveel rijders er hun eerste wedstrijd kunnen winnen in het post-Loeb tijdperk. Dani Sordo in Duitsland 2013, Thierry Neuville in Duitsland 2014, Kris Meeke in Argentinië 2015, Andreas Mikkelsen in Catalunya 2015, Hayden Paddon in Argentinië 2016, Ott Tänak in Sardinië 2017 en nu dus Lappi die meteen ook het “Guinness Book of Records” in mag als winnaar van de snelste rally ooit, met een gemiddelde van 126,6 km/u, de vertragende maatregelen ten spijt. De Fin is trouwens al de vijfde verschillende winnaar op negen manches.

Maar waar we Finland 2017 vooral zullen aan herinneren is de rally waar een Belg voor de eerste keer sinds het oprichten van het wereldkampioenschap helemaal bovenaan de tabellen staat in de WK-tussenstand. We gaan naar een ijzingwekkend slot van het seizoen en mogen wellicht nog veel moois verwachten. Misschien wint Elfyn Evans nog wel zijn eerste rally… Niets is nog zeker dit jaar als je de tijden van afgelopen weekend er nog eens op nagaat.

Omschreven we het WRC enkele jaren geleden nog als een lange geeuw, dan moeten we nu toch erkennen dat het kampioenschap terug alles omvat waar een rallyliefhebber kan van dromen. Had het WRC zijn verloren triple A-status enkele jaren geleden nog te grijp, dan hebben de beheerders en promotoren van dit kampioenschap terug een prachtig product gemaakt waar nog veel toekomstmuziek in zit. En nu nog terug langere rally’s, nog een constructeur erbij, een mooi jongerentraject van R2 naar WRC, en we zijn er bijna.

Maar mogen we ondertussen toch nog een eerste Belgische titel vieren!

Godenkind volgt Koning van Ieper op

Actua

De Ypres Rally stond voor een nuljaar. Sinds dit jaar telde de belangrijkste rally van het jaar in België niet langer mee voor het Europese kampioenschap en bovendien viel de enige zekerheid die we hadden, namelijk Freddy Loix, weg. Maar saaier werd het hoegenaamd niet. Tot zaterdagmiddag bleef een triolet zicht houden op een eerste zege in de Kattenstad en het eind kregen we een verbeten duel tussen twee toprijders. Wie uiteindelijk won, kon ons minder schelen, want we wisten zaterdagmiddag al dat het een verdiende en mooie winnaar zou zijn! Dat het net Kevin Abbring is die het verhoopte feestje van Hyundai even kwam vergallen, zorgde aan het eind voor meer pigment dan de livery van Thierry Neuville.

Laten we nog eventjes ons sterrenstelsel overlopen en zien hoe de glazen bol heeft gewerkt. Toch nog even kort verwijzen naar enkele uitschieters zoals Brecht Hoorne die zelfs even uitzicht had op een stek in de top twintig en Thomas Vauterin die in volle strijd tussen Guillaume de Mevius, Chris Ingram en Timo Van der Marel, zich enkele keren op de voorposten kwam melden.

★: Fredericq Delplace, Chris Van Woensel, Jochen Claerhout, Claudie Tanghe, Tim Van Parijs, Achiel Boxoen, Thomas Preston, Alex Laffey

DSC_4868Dat er een Porsche dicht ging kruipen hadden we voorspeld. Dat het uiteindelijk Tim Van Parijs was, de man die we eigenlijk een beetje waren vergeten in onze Countdown, hoeft niemand te verwonderen. Van Parijs reed opnieuw een fantastische wedstrijd maar vergat bijvoorbeeld in Mesen en in de Franse haakse bochten het publiek niet. De Oost-Vlaming blijft het beste van twee werelden combineren, snel gaan en de toeschouwers vermaken. Van Parijs greep uiteindelijk net naast de top vijftien, maar eigenlijk is een top twintig plaats al bijzonder straf.

Met die gedachte kan ook Achiel Boxoen zich paaien. De West-Vlaming reed een regelmatige, doch onopvallende koers, maar bleef twee dagen foutloos in Flanders Fields. Boxoen wist wel de vele openstaande vragen niet in te lossen. Hoe snel is hij nu echt? Met vier rally’s in de benen mocht hij op zaterdagmiddag wel eens iets laten zien. Zonder een enkele tijd in de top twintig zal de druk de komende weken en maanden alleen maar toenemen. In Roeselare moet hij straks echt wel eens een stevige vlaag van zijn talent laten zien, want veel progressie toonde de West-Vlaming niet, al dan niet verlamd door de druk om te finishen en de ellenlange lijst tips die Freddy Loix na iedere kp meegaf.

Alex Laffey en Thomas Preston bleven binnen onze verwachtingen qua tijden al bleven ze beide niet foutloos. Laffey kan wel pochen dat hij zich liet verrassen in de bocht waar ook de allergrootste het decor in dook. Die heeft straks iets moois te vertellen op de familiefeesten.

★★: Bert Cornelis, Steve Bécaert, Davy Vanneste, Pieter-Jan Maeyaert, Didier Duquesne, Matthew Edwards, Rhys Yates, Chewon Lim, Jim en Jasper Van Den Heuvel, Matthias Boon

Qua uitslag hadden we Boon en de VDH’s misschien een ster minder moeten gunnen, maar qua prestaties waren de twee sterren absoluut verdiend want Boon en de 19-jarige (!) Jim Van den Heuvel zorgden voor een ongemeen pittige strijd binnen de strijd. Boon trok uiteindelijk aan het langste eind. Hopelijk kreeg Boon terug wat goesting, want hij blijft een absolute meerwaarde voor de rallysport in België.

DSC_4595Heel wat streekrijders bleven inderdaad in elkaars buurt en het hoeft dan ook niet te verwonderen dat Davy Vanneste uiteindelijk het pleit in dit kransje won. Vanneste eindigde net buiten de top tien, maar reed misschien een van zijn degelijkste rally’s van de jongste jaren. Hij ontdeed zich met gemak van PJ Maeyaert en Didier Duquesne die ook mogen terugkijken op een goede rally. Dat kan niet gezegd worden van Cornelis, al in de problemen op de shakedown, en Steve Bécaert die de zwaarste klapper van het weekend voor zijn rekening nam. Chewon Lim viel dan weer enorm tegen. Wellicht zat hij nog in gedachten verzonken in een Roemeens ravijn.

Matthew Edwards kreeg ook twee sterren achter zijn naam en eindigde tiende waarmee hij net voor Vanneste eindigde. Het werd een aangename kennismaking want Edwards maakte indruk met een knappe rijstijl en liet zich op geen enkel moment verrassen.

★★★: Polle Geusens, Cédric De Cecco, Guillaume Dilley, Desi Henry, David Bogie, Jonathan Greer, Martin McCormack

Heel wat mannen die de finish niet zagen. Bogie en McCormack gingen al vroeg van de weg, net zoals Dilley die zijn rally op zaterdag wel kon voortzetten. Dilley toonde wel opnieuw wat hij in zijn mars heeft. Hij stond knap zevende toen hij een “rookie mistake” maakte. Hopelijk kan hij wat steun losweken bij Hyundai België voor de rest van het seizoen. Als dat lukt, dan wordt Dilley een man om naar uit te kijken in Huy.

DSC_4669Jonathan Greer en Desi Henry moesten beide opgeven met mechanische pech al ging daar bij Henry wel een foutje aan vooraf. Greer kon zich in de DS3 R5 niet helemaal vooraan mengen, Henry wel, met een reeks sterke tijden en een top tien in het verschiet.

De Cecco kende een moeilijke wedstrijd die begon met intercomproblemen. Ook daarna bleef de Waal niet gespaard van pech al leek hij wel fors op te zetten in de tweede wedstrijdhelft, voor zijn Peugeot uiteindelijk de geest gaf.

Geusens reed wel uit, en eindigde ontzettend knap negende met een flinke reeks tijden in de top tien. De Limburger bleef foutloos en mag met een verlies van om en bij de seconde per kilometer stilaan hoger gaan mikken. Met een knap voorseizoen in de benen moet hij in staat zijn om dit najaar de kloof verder te dichten, en daarna stilaan beginnen nadenken over 2018.

★★★★: Fredrik Ahlin, Giandomenico Basso, Hermen Kobus, Osian Pryce, Keith Cronin, Tom Cave, Kevin Demaerschalk, Bernd Casier

Uiteindelijk haalde geen van deze heren het podium, al scheelde het niet veel want Casier eindigde vierde, Kobus vijfde, Basso zesde en Cronin zevende. Demaerschalk had lang zicht op zo’n knappe ereplaats, maar … hij rijdt met een Citroën. Vooral Casier bewees weer maar eens dat hij weinig kilometers nodig heeft om mee te gaan met de beste. Wat als hij eens een volledig voorseizoen zou rijden met oog op de Ypres Rally?

DSC_5308Kobus leek dan weer niet in zijn sas maar herpakte zich in de tweede wedstrijdhelft wat niet kan gezegd worden van Basso die een nogal lome indruk gaf. Kobus erkende dat het niveau in België fors de hoogte is in gegaan. Het was ons niet duidelijk of dat hem motiveert, of net demotiveert, om straks te starten in de East Belgian Rally (waar sprake van is).

Osian Pryce was misschien wel een van de teleurstellingen van de rally. Pryce moest zijn meerdere erkennen in Keith Cronin (wiens test in Wervik duidelijk loonde) en Edwards. Ondank zijn WK- en asfaltervaring bleef de jongeman hangen tussen de beste streekrijders om te besluiten met een twaalfde stek. Cronin deed een gouden zaak in het BRC, dat toch een absolute meerwaarde was in Ieper, door de manche te winnen en mag met vertrouwen naar het Ierse asfalt straks.

Fredrik Ahlin noemden we nog niet. De Zweed leek zich wel te mengen in de Britse strijd vooraan maar ging in de fout. Maar onze harten heeft hij zeker veroverd met een magistrale, aanvallende rijstijl en die adembenemende zwarte Skoda Fabia. Wat een prachtexemplaar. Ook Tom Cave verdient nog een eervolle vermelding.

★★★★★: Kevin Abbring, Vincent Verschueren, Kris Princen, Bryan Bouffier en Thierry Neuville

Het werd al snel duidelijk dat dit quintet ging spelen voor de knikkers, al werd het vijftel snel herleid tot een kwartet.

DSC_4690De doortocht van Neuville deed ons een beetje denken aan de passage van Freddy Loix in 1999. Toen kwam Freddy in de “prime” van zijn WK-carrière afgezakt naar Ieper in de officiële Mitsubishi in de Marlborokleuren. Ook toen werd komst van Loix in groot ornaat aangekondigd want het was vrij uniek dat een fabrieksteam een wagen kwam inzetten in een “nationale” rally met een echte WK-vedette. Het was eigenlijk ook de laatste keer, tot nu.

Het grote verschil tussen toen en nu was dat Loix de rally won, niet met de grote overmacht van de jaren voordien weliswaar. Ook Neuville merkte snel dat hij enkele taaie tegenstanders naast zich kreeg, want de Belg kon zich niet ontdoen van Bryan Bouffier. Meer zelfs, Neuville eindigde waar hij al vaker in Ieper eindigde, in het decor. Nam Neuville deze opdracht iets te licht op?

Het was in ieder geval een blij weerzien met de Oostkantonner die toch instond voor dé passages van het weekend in zijn Hyundai i20 R5. De zweem van genialiteit die we zien kregen houdt ons voor de rest van het jaar zoet!

DSC_5248Ook Kris Princen kon niet meegaan tot op het einde door een lekke band, en Vincent Verschueren moest, toen de avond zaterdag viel, ook afhaken. Verschueren reed opnieuw een fantastische wedstrijd. Kreeg hij twee jaar geleden dat podium nog een beetje in de schoot geworpen, dan ging dit jaar die stek zelf gaan halen met onder meer een fantastische besttijd op Westouter-Boeschepe!

DSC_5176Bouffier en Abbring bleven op het eind uiteindelijk met z’n tweetjes over. Bouffier kende zaterdagmiddag, kort na het vervangen van de versnellingsbak, problemen met de … versnellingsbak. Had hij die problemen niet gehad dan spraken we nu van de eerste Franse winnaar in Ieper sinds ene Jean Ragnotti. Nu moeten we spreken van de eerste Nederlandse heerser in Ieper, maar toch ook van een halve Belgische zege met Pieter Tsjoen die als eerste de rally won als rijder en co-rijder. Om u maar te zeggen dat er geschiedenis werd geschreven in Ieper, in het jaar nul na het era Loix!

Ypres Countdown 2017: De topfavorieten

De uitslag van de Ypres Rally voorspellen is altijd een dubbeltje op zijn kant. De Amerikaanse presidentsverkiezingen of het Brits referendum hebben er geen lap aan, zeker nu Mr. Ypres verstek geeft. Er zijn geen zekerheden meer.

Dit jaar wordt het nog een pak moeilijker, nu de Ypres Rally het ERC bedankte voor bewezen diensten en afdankte. In ruil krijgen we straks het kruim van het Britse rallykampioenschap te zien. En Britten in de Westhoek, die hebben in het verleden een pak gewonnen. Wie weet kunnen ze de Belgische frontlinies ondertunnelen en een bommetje leggen onder het eindklassement.

Omwille van de moeilijkheidsgraad door die vele, vaak onbekende, Britten (en andere exoten) pakken we deze Countdown iets anders aan, omdat we ons niet willen beperken tot het vaste kransje protagonisten en jullie een inkijkje willen geven in die Britse delegatie. Geen aftelrijmpje dus, maar een sterrenstelsel, zoals we vroeger deden voor klasse R2.

★★★★★: Kevin Abbring, Vincent Verschueren, Kris Princen, Bryan Bouffier en Thierry Neuville

DSC_2968

Openen doen we met de hoofdrolspelers van ons eigenste BRC, het Belgian Rally Championship. Kevin Abbring, Vincent Verschueren en Kris Princen duwen elkaar al een heel jaar naar een heel hoog niveau. Dat levert al het hele jaar fantastische wedstrijden op waarbij de teller van Kris Princen tot op heden op twee overwinningen staat, die van Verschueren en Abbring blijft voorlopig steken op één, maar beide heren mogen hopen op een verdubbeling, al zat dat uiteraard niet simpel zijn.

Vincent Verschueren zakt als leider in het BK af naar Ieper. Zijn riante voorsprong in het kampioenschap werd wel fors teruggedrongen toen een geniepige steen Verschueren tot opgave dwong in Bocholt. De Oost-Vlaming had in Bocholt genoegen kunnen nemen met de punten van de tweede plaats maar deed dat niet, waardoor we denken dat hij ook in Ieper met het mes tussen de tanden zal starten. Verschueren reed vorig jaar al een dijk van een wedstrijd op vrijdag. Op zaterdag raakte hij bedwelmd door gassen in de wagen, waardoor hij een zekere podiumpositie nog uit zijn vingers zag glijden. Dit jaar heeft Verschueren nog een extra stapje voorwaarts gezet. Nu is hij helemaal mee met de toppers en Verschueren is inmiddels kind aan huis in de Westhoek, daar waar zijn team Godrive gehuisvest is.

Princen heeft een beetje een haat-liefde verhouding met Ieper de jongste jaren. Vorig jaar kon het tempo aan, maar verdapperen lukte niet meer. Hij eindigde toch tweede. Het jaar voordien moest Princen opgeven door ziekte, terwijl hij in een ontzettend gunstige positie zat. Als onze teller klopt begint Princen straks aan zijn twintigste deelname, waarmee hij een echte ancien wordt. Ongeveer de helft daarvan eindigden vroegtijdig, maar de Limburger wist wel al eens te winnen, in 2005, en dat kunnen er niet veel zeggen van het huidige deelnemersveld.

Kevin Abbring lijkt op papier de snelste van de drie, maar ook de meest onberekenbare. Dat bewees hij dit jaar ook al met een schuiver in de Haspengouw en een crash in Spa. De titel lijkt verloren, terwijl dat het enige was dat Peugeot ambieerde. Abbring moet dus winnen om zijn seizoen kleur te geven. De enige manier waarop dat zal lukken is door het hoofd koel te houden en niet altijd en overal de snelste te willen zijn.

Ook Bouffier mag stilaan tot de anciens gerekend worden en komt komend weekend aan de start van een Skoda Fabia R5, waardoor hij met een gerust gemoed kan rondrijden, want geef toe, vorig jaar was het gewoon wachten tot die DS3 R5 brak, wat uiteindelijk ook gebeurde toen Loix de jacht helemaal opende op deze “petit prince”. De voormalig Franse en Poolse kampioen kan putten uit een berg ervaring en eindigde al twee keer tweede (dat had eigenlijk drie keer, of zelfs vier keer, moeten zijn), telkens achter Freddy Loix, die er niet bij is.

DSC_0472

Voor onze laatste man zouden we eigenlijk zes sterren moet geven. Normaal moeten we Thierry Neuville bestempelen als “hors categorie” maar we hebben toch enkele kleine vraagtekens over de wagen. De jongste maanden is die internationaal gezien wel overal vrij betrouwbaar en competitief gebleken. Laat het ons kort stellen: als Neuville geen pech kent dan wint ie.

Het is al een tijdje geleden dat we de Oostkantonner nog zagen in competitie in Ieper. Sinds zijn laatste passage won hij vier WRC-rally’s en kroonde zichzelf tweemaal tot vice-kampioen. Dat moet je een overstap naar een R5-wagen tot gemakkelijk kunnen verteren? Echt veel geluk bracht Ieper nog niet, al was het wel hier dat hij zich met een derde plaats voor het eerst toonde aan de wereld, toen hij nog wat babyvet had hangen rond de heupen. Dat was in 2010. Dat lijkt al zo lang geleden. Freddy Loix was toen amper halfweg zijn zegereeks…

Neuville als winnaar in Ieper, in de fleur van zijn leven, dat zou verdomd mooi ogen op het palmares. Is er een mooiere opvolger denkbaar voor Freddy Loix?

Ypres Countdown 2017: De kanshebbers op podium

De uitslag van de Ypres Rally voorspellen is altijd een dubbeltje op zijn kant. De Amerikaanse presidentsverkiezingen of het Brits referendum hebben er geen lap aan, zeker nu Mr. Ypres verstek geeft. Er zijn geen zekerheden meer.

Dit jaar wordt het nog een pak moeilijker, nu de Ypres Rally het ERC bedankte voor bewezen diensten en afdankte. In ruil krijgen we straks het kruim van het Britse rallykampioenschap te zien. En Britten in de Westhoek, die hebben in het verleden een pak gewonnen. Wie weet kunnen ze de Belgische frontlinies ondertunnelen en een bommetje leggen onder het eindklassement.

Omwille van de moeilijkheidsgraad door die vele, vaak onbekende, Britten (en andere exoten) pakken we deze Countdown iets anders aan, omdat we ons niet willen beperken tot het vaste kransje protagonisten en jullie een inkijkje willen geven in die Britse delegatie. Geen aftelrijmpje dus, maar een sterrenstelsel, zoals we vroeger deden voor klasse R2.

★★★★: Fredrik Ahlin, Giandomenico Basso, Hermen Kobus, Osian Pryce, Keith Cronin, Tom Cave, Kevin Demaerschalk, Bernd Casier

DSC_0584Een bonte groep met vooral de toppers uit het Britse kampioenschap. Laten we dan ook openen met die mannen en vooral openen met iemand waarmee jullie vorige week al konden kennis maken, namelijk Keith Cronin. De 30-jarige Brit leek in Wervik snel op weg naar een solo slim, maar werd al even snel teruggeslagen door mechanische problemen. Cronin werd daarna gedwongen tot een bijrolletje en moest de besttijden laten aan Guillaume Dilley. Echter, Cronin heeft een stevige rugzak vol ervaring waar hij in Ieper kan uit putten. De Brit werd vorig jaar ook Iers tarmackampioen en kan dus echt wel uit de voeten op asfalt.

Nog iemand die ervaring heeft op Belgisch asfalt is Tom Cave. Velen zullen het al vergeten zijn, maar onze “ginger” reed in 2010 in de Haute Senne en in Ieper. In Braine-le-Comte werd hij derde, na Chris Atkinson en Patrick Snijers, in Ieper stond hij al snel op kant, maar hij maakte wel indruk tijdens die korte Belgische passage. Ondertussen werd hij twee keer tweede in de DMack-cup en is hij de regerende vice-kampioen in de UK. Cave heerste ook twee keer in de jongste BRC-manches, maar moest evenveel keer opgeven (door zijn eigen schuld). Cave moet zijn kampioenschap redden in Ieper, waardoor we denken dat hij zeker aan de finish zal staan.

DSC_0391Ook de 26-jarige Zweed Fredrik Ahlin stond al eens aan de start in Ieper. Ahlin is de huidige leider in het Britse BRC dankzij twee klinkende overwinningen. De Zweed, die een magistrale zwarte Skoda Fabia aan de start brengt, lijkt dus eindelijk te gaan bevestigen na enkele moeilijke jaren. Veel ervaring op asfalt heeft Ahlin niet, al werkte hij wel al een enkele WRC-manches op asfalt af, zodat de ondergrond hem niet helemaal vreemd is.

Osian Pryce is de huidige nummer twee en kan dus in Ieper, mits een goed resultaat, de leiding nemen in de BRC-tussenstand. We zien het Pryce wel doen, want in tegenstelling tot Ahlin heeft Pryce wel al wat ervaring op asfalt. We hebben met Pryce trouwens een wereldkampioen aan de start want hij won in 2015 de DMack-cup, onder meer dankzij een overwinning in Duitsland, om maar te zeggen dat Pryce goed zijn plan kan trekken op asfalt. Pryce is nog altijd piepjong met zijn 24 lentes en heeft dus nog een mooie toekomst voor zich. Wie weet wordt Pryce een van die mannen waarvan we binnen enkele jaren zeggen: “Weet je nog, die keer dat Pryce naar Ieper kwam?” Pryce heeft namelijk alles om nog een stapje hogerop te gaan.

DSC_0197Met Giandomenico Basso hebben we een oud-winnaar aan de start. Dat op zich is al straf om te zeggen, gezien de afwezigheid van Patrick Snijers en Freddy Loix. Basso won in 2006. Dat lijkt al een eeuwigheid geleden. Hij won toen omwille van één reden: hij had de beste wagen, tout court. Klasse s2000 stond toen nog in de kinderschoenen en Basso moest dat jaar enkel afrekenen met enkele groep N-wagens en s1600-wagens. In de jaren die volgden ging het minder vlot, vooral omdat die fantastische Fiat Abarth snel verouderde. Een doortocht met de Proton bracht Basso ook weinig geluk. De Italiaan leek wat op de terugweg, maar kroonde zich vorig jaar op weergaloze manier tot Italiaans kampioen, wat toch ook genoeg zegt. En hij won dit voorjaar In Transylvania, de openingsmanche van het TER. Het TER brengt voorlopig weinig meerwaarde, maar met Basso mogen we toch tevreden zijn. Fijn dat we Basso nog eens in onze contreien zien.

Besluiten doen we met enkele “lage landers”, te beginnen met Hermen Kobus die we de jongste jaren wel gemist hebben in België. We hopen dat Kobus’ appetijt om te rijden in België terug komt. We kunnen niet zeggen dat Kobus sinds zijn vertrek uit België is gegroeid, wat nochtans de bedoeling was. Hij won wel twee keer in Nederland dit jaar, maar wat zegt dat nog?

DSC_3511Kevin Demaerschalk gunnen we graag vier sterren. Ook Demaerschalk was weinig gefortuneerd de jongste jaren, met een bedenkelijke steun van Citroën en een reeks mechanische opgaves. In de Wallonie bewees Demaerschalk nog maar eens dat hij wel degelijk uit het goede hout gesneden is en we hopen dat in Ieper de puzzel nog eens helemaal ineen valt voor een van de grootste talenten die België heeft gehad de jongste jaren.

Besluiten doen we met Bernd Casier. Een vreemde vogel want Casier liet zich vooral opmerken door twee crashes in de jongste drie jaar, waarvan eentje op de openingsproef. Maar vorig jaar opende Casier meteen met een fantastische derde tijd en besloot hij zelfs op het podium, meteen zijn beste resultaat ooit in Ieper. Hij opende het seizoen met winst in Moorslede en stond in Transylvania op het podium. Het blijft ongelooflijk hoe weinig kilometers de West-Vlaming nodig heeft om snel te gaan.

Ypres Countdown 2017: De outsiders

De uitslag van de Ypres Rally voorspellen is altijd een dubbeltje op zijn kant. De Amerikaanse presidentsverkiezingen of het Brits referendum hebben er geen lap aan, zeker nu Mr. Ypres verstek geeft. Er zijn geen zekerheden meer.

Dit jaar wordt het nog een pak moeilijker, nu de Ypres Rally het ERC bedankte voor bewezen diensten en afdankte. In ruil krijgen we straks het kruim van het Britse rallykampioenschap te zien. En Britten in de Westhoek, die hebben in het verleden een pak gewonnen. Wie weet kunnen ze de Belgische frontlinies ondertunnelen en een bommetje leggen onder het eindklassement.

Omwille van de moeilijkheidsgraad door die vele, vaak onbekende, Britten (en andere exoten) pakken we deze Countdown iets anders aan, omdat we ons niet willen beperken tot het vaste kransje protagonisten en jullie een inkijkje willen geven in die Britse delegatie. Geen aftelrijmpje dus, maar een sterrenstelsel, zoals we vroeger deden voor klasse R2.

★★★: Polle Geusens, Cédric De Cecco, Guillaume Dilley, Desi Henry, David Bogie, Jonathan Greer, Martin McCormack

Veel Belgisch jong geweld in de aanbieding vandaag, met Polle Geusens, Cédric De Cecco en Guillaume Dilley. Vooral Geusens en Dilley zien we wel meestrijden voor een stekje rond de top zes à acht. Dilley won afgelopen weekend nog de Rally van Wervik, toch altijd een goede graadmeter. Hij hield weliswaar maar enkele seconden over op Davy Vanneste en Melissa Debackere, maar was met acht besttijden wel overheersend. Hadden we drie sterren en een halfje gehad, gingen we die zeker geven aan deze jonge Hyundairijder.

dsc_4114Ook van Polle Geusens mogen we iets verwachten. Het team heeft de wagen nu volledig in eigen beheer en werd de jongste weken klaargestoomd voor deze wedstrijd. De progressie was al te zien in Bocholt waar Geusens een knap podium versierde. Bovendien reed Polle vorig jaar in Ieper misschien zelfs zijn beste rally ooit! In die Ford Ecoboost kon hij bij momenten het tempo van officiële Opels aan. Het werd tevens één van dé prestaties van 2016. Claudie Tanghe ging normaal het stuur nemen van de Renties Ford Fiesta maar wil Geusens verder laten groeien. Een mooi gebaar dat Geusens toelaat zich een eerste keer te tonen in een internationale context.

DSC_4984We mogen ook wel iets verwachten van Greer, Henry, Bogie en McCormack. Die laatste reed al twee keer in Ieper en wierp zich in 2015 op tot een van de smaakmakers. Hij werd ook knap achtste algemeen. Dan weet je het wel. In 2016 moest hij echter verstek geven door een blessure.

Ook Jonathan Greer moet zich hier wellicht thuis voelen. De 28-jarige Brit is thuis op het Ierse asfalt en kan al heel wat dichte ereplaatsen voorleggen in Ierland en de UK. We verwachten wel dat Britten en Ieren met wat ervaring op asfalt het in Ieper ook goed kunnen doen omdat sommige proeven toch wel wat vergelijkbaar zijn. We denken dan bijvoorbeeld aan de Kemmelberg of het Franse gedeelte van Westouter-Boeschepe. Daar moeten deze mannen op een terrein komen dat hen vertrouwd aanvoelt.

Met David Bogie zijn we misschien wel toe aan onze eerste echte topper. Bogie is voorlopig derde in de BRC-tussenstand en won recent nog de Scottisch Rally. De 29-jarige Brit zit in een heuse flow dit jaar. Van de vijf rally’s die hij dit jaar kon besluiten won hij er maar liefst vier! We hebben wel wat vragen bij de asfaltervaring van deze Skodarijder.

Desi Henry is misschien de minste van het pakketje dat we net voorstelden, maar hij werd wel mooi Iers onverhardkampioen in 2016 en werd zesde in het BRC-kampioenschap, dankzij enkele stevige podiumplaatsen.

Ypres Countdown 2017: De ereplaatsen

De uitslag van de Ypres Rally voorspellen is altijd een dubbeltje op zijn kant. De Amerikaanse presidentsverkiezingen of het Brits referendum hebben er geen lap aan, zeker nu Mr. Ypres verstek geeft. Er zijn geen zekerheden meer.

Dit jaar wordt het nog een pak moeilijker, nu de Ypres Rally het ERC bedankte voor bewezen diensten en afdankte. In ruil krijgen we straks het kruim van het Britse rallykampioenschap te zien. En Britten in de Westhoek, die hebben in het verleden een pak gewonnen. Wie weet kunnen ze de Belgische frontlinies ondertunnelen en een bommetje leggen onder het eindklassement.

Omwille van de moeilijkheidsgraad door die vele, vaak onbekende, Britten (en andere exoten) pakken we deze Countdown iets anders aan, omdat we ons niet willen beperken tot het vaste kransje protagonisten en jullie een inkijkje willen geven in die Britse delegatie. Geen aftelrijmpje dus, maar een sterrenstelsel, zoals we vroeger deden voor klasse R2.

We gaan verder met een pakketje mannen die zich kunnen mengen voor een top tien plaats.

★★: Bert Cornelis, Steve Bécaert, Davy Vanneste, Pieter-Jan Maeyaert, Didier Duquesne, Matthew Edwards, Rhys Yates, Chewon Lim, Jim en Jasper Van Den Heuvel, Matthias Boon

In dit pakketje een hele reeks streekrijders die in het verleden al bewezen dat ze dicht in elkaars buurt kunnen komen en die ook een stekje in de top tien waard zijn. Davy Vanneste toonde zich zelfs al eens podiumrijp maar moest zich de jongste jaren tevreden stellen met een dichte ereplaats, veelal in de buurt van Didier Duquesne die dit jaar opteert voor de RRC-versie. Dat is misschien niet de beste keuze, maar Duquesne voelt zich goed in de Fiesta.

DSC_3628

Bert Cornelis is een beetje een onbekende factor. Hij reed de Ypres Rally nog nooit bij de moderne wagens, maar de West-Vlaming is een rare vogel die in een begenadigde dag wel eens voor een flinke verrassing kan zorgen. Ook Maeyaert debuteert bij de moderne wagens in Ieper.  PJM kreeg de jongste

maanden zijn Fiesta R5 steeds beter onder de knie. Als hij een manier vindt om nog meer “clean” te gaan rijden sluiten we een mooie eindnotering zeker niet uit.

DSC_5975

We verwachten ook een N4-wagen, zeg maar de standaardklasse, ergens rond stek 10 à 12. Jim Van Den Heuvel verblufte afgelopen weekend in Wervik, al zal hij zichzelf wel iets meer in bedwang moet houden in Ieper wil hij over het eindpodium raken. Het wordt vooral uitkijken hoe sterk hij geëvolueerd is ten opzichte van zijn broer Jasper die goed vertrouwd is met de wegen in de Westhoek. Jasper zegt zelf altijd dat Jim sneller is, maar voorlopig was daar nog weinig van te zien, vooral omdat beide een volledig ander traject afwerken. We zijn ook benieuwd naar de weder optredende Matthias Boon. Wellicht zal hij het tempo van de VDH’s niet kunnen volgen maar we zijn toch benieuwd hoe de “eeuwige belofte” (toch ooit winnaar van M-Sport Shoot out) zijn terugkeer zal verteren. Boon nam een tijdje terug gedegouteerd afscheid van de rallysport maar gelukkig kruipt rallybloed waar het niet gaan kan.

Chewon Lim hadden we graag iets hoger ingeschat. In Spa zorgde hij voor een straffe prestatie door zich een tijdlang op positie twee te nestelen in danteske DSC_0532omstandigheden. Maar de Koreaan maakte een stevige buiteling in Roemenië en leek daar in Wervik nog niet van hersteld. Lim blinkt ook niet echt uit in regelmaat en maakt links en rechts wel eens een foutje. Echter, met Martijn Wydaeghe heeft hij wel een co naast zich die elke valstrik in de Westhoek kent.

En dan nog een klein blikje Britten open trekken. Edwards, Yates en Anderson leken de voorbije rally’s goed aan elkaar gewaagd. Veel van de Britten hebben weinig ervaring op asfalt, maar kunnen toch echt wel een potje sturen. We verwachten dat heel wat Britten zich tussen de absolute toppers en onze goede streekrijders zullen nestelen, of toch in de buurt van… Dat wijst het verleden ook uit. Denk maar Martin McCormack of de gebroeders Moffet de jongste jaren.

Ypres Coundown 2017: De verdienstelijken

De uitslag van de Ypres Rally voorspellen is altijd een dubbeltje op zijn kant. De Amerikaanse presidentsverkiezingen of het Brits referendum hebben er geen lap aan, zeker nu Mr. Ypres verstek geeft. Er zijn geen zekerheden meer.

Dit jaar wordt het nog een pak moeilijker, nu de Ypres Rally het ERC bedankte voor bewezen diensten en afdankte. In ruil krijgen we straks het kruim van het Britse rallykampioenschap te zien. En Britten in de Westhoek, die hebben in het verleden een pak gewonnen. Wie weet kunnen ze de Belgische frontlinies ondertunnelen en een bommetje leggen onder het eindklassement.

Omwille van de moeilijkheidsgraad door die vele, vaak onbekende, Britten (en andere exoten) pakken we deze Countdown iets anders aan, omdat we ons niet willen beperken tot het vaste kransje protagonisten en jullie een inkijkje willen geven in die Britse delegatie. Geen aftelrijmpje dus, maar een sterrenstelsel, zoals we vroeger deden voor klasse R2.

Aftrappen doen we met mannen wie we 24 juni, zaterdagavond, in de schaduw van de Menenpoort, op de schouder willen kloppen, en zeggen: “Verdorie, verdienstelijk”.

★: Fredericq Delplace, Chris Van Woensel, Jochen Claerhout, Claudie Tanghe, Tim Van Parijs, Achiel Boxoen, Matthew Edwards, Alex Laffey,

We openen met een blik Porsches. In 2015 lonkten enkele Porsches lang een naar een stek in de top tien. Zo ver zien we het dit jaar niet komen, maar we verwachten toch dat er een Porsche dicht tegen de top 15 – top 12 zal aantikken. We denken daarbij aan Delplace en Claerhout die toch heel wat terreinkennis hebben, maar vooral ook aan Chris Van Woensel die een sterke TAC Rally reed en perfect weet hoe hij een wagen heelhuids thuis brengt. Het is wel al van 2002 geleden dat hij de rally nog eens uitreed. Hij werd toen zesde, zijn beste resultaat ooit in de Kattenstad. Ook Tim Van Parijs zou wel eens dicht kunnen eindigen. De Porschisten stuwden elkaar in de TAC Rally voorwaarts en lieten fantastische tijden noteren. De Porsches zijn een absolute meerwaarde voor de Ypres Rally, en dat zal wellicht zaterdagavond ook blijken als we er de eindnoteringen bij nemen.

DSC_2527Als we rekening houden met de Porschisten moeten we uiteraard ook Claudie Tanghe vernoemen die er start met de ijzersterke BMW M3 Compact. De Komenaar kent de rally door en door en stelt zelden tot nooit teleur.

CVW, Van Parijs, Tanghe hebben veel meer in pacht. We doen hen misschien wat onrecht aan om hen bij de “verdienstelijken” te zetten, maar met deze wagens zou het al een prestatie zijn als ze de top 12 induiken. Tanghe in een Fiesta gingen we prompt in de top 8 hebben geplaatst, maar Claudie zette een stapje op zij voor Polle Geusens. Of hoe je een groot kampioen kan zijn, naast de wagen!

Uiteraard hebben we ook al heel wat vraagtekens bij die vele Britten. Eentje (eigenlijk twee) bezorgde ons afgelopen weekend een referentie, namelijk Alex Laffey. In de UK posteert hij zich meestal rond de tiende plaats, en rond die plaats reed hij ook rond in Wervik tot hij van de baan schoof. Thomas Preston lijkt van op afstand van hetzelfde allooi als Laffey. Hoewel beide geen noemenswaardige resultaten reden in het verleden, schatten we ze toch iets hoger in dan pakweg Philip Cracco, Thomas Slaughter of Stefan Göttig.

De Ypres Rally wordt ook het eerste grote examen voor Achiel Boxoen, de West-Vlaming die in de schoenen stapte van Mr. Ypres, Freddy Loix. Boxoen werd de voorbije maanden klaargestoomd voor deze Ypres Rally, maar overtuigen kon hij nog niet. Hij opende meer dan oké in Tielt tot hij de Adam op kant moest zetten met technische problemen. In de Wallonie ging hij snel in de fout.

In Bocholt maakte hij zijn debuut met de Skoda Fabia R5, en ook al toonde hij wat progressie, toch bleef er groot gapend gat met de mannen voor zich en ook in Wervik kon Boxoen zelden overtuigen. Hij bleef bijna de hele rally in de buurt van Alex Laffey en Bruno Parmentier hangen, die we niet eens opnemen in deze Countdown, dus we zijn best wel nog gunstig gezind. Boxoen moet een verstandige koers rijden en een goed tempo onderhouden. Kilometers maken! Wie uitrijdt komt sowieso op een mooie, verdienstelijke plaats terecht. We verwachten Boxoen zaterdag binnen acht dagen zeker te zien bij valavond, in de Menenstraat. Het enige complimentje dat hij momenteel moet ambiëren is een schouderklop en iemand die zegt: “Verdorie, verdienstelijk”!